Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Omstreden oud-rechter Hans Westenberg mag tegenbewijs leveren van Haagse rechtbank

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Omstreden oud-rechter Hans Westenberg mag tegenbewijs leveren van Haagse rechtbank

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Rechters arrow Omstreden oud-rechter Hans Westenberg mag tegenbewijs leveren van Haagse rechtbank
 
Omstreden oud-rechter Hans Westenberg mag tegenbewijs leveren van Haagse rechtbank
woensdag, 9 maart 2011
'De rechtbank laat [gedaagde 1] toe tot tegenbewijs van de voorshands bewezen geachte stelling dat er een telefoongesprek tussen [gedaagde 1] en [eiser] (in diens hoedanigheid van Chipshol-advocaat) heeft plaatsgevonden'

Aldus de Haagse rechtbank vandaag in de uitspraak in de zaak van advocaat Hugo Smit tegen oud-rechter J.W. (Hans) Westenberg, de Staat der Nederlanden en Pels Rijcken, de landsadvocaat.

De vorderingen tegen de Staat en de landsadvocaat zijn afgewezen. Oud-rechter Westenberg mag tegenbewijs leveren. De zaak is naar de rol verwezen van woensdag 6 april 2011.

Hans Westenberg zou onrechtmatig hebben gehandeld jegens advocaat Hugo Smit door in 2004 een procedure tegen hem te starten die was gebaseerd op een onwaarheid. In het boek Topadvocatuur, In de keuken van de civiele rechtspraktijk, samengesteld door Micha Kat, een artikel/interview met Hugo Smit over de zaak Chipshol/Coopers & Lybrand, pag.71-91 zegt de advocaat: “Bij grote claims leert de ervaring dat Nederlandse rechters nerveus worden. Er gaan opeens gekke dingen gebeuren zoals rechters die uitvoerig gaan bellen over de zaak. In de Chipshol-zaak is dat ook gebeurd met mr. Westenberg van de Haagse rechtbank. Nederland lijkt wel te klein voor grote claims. Iedereen kent elkaar. Laten we dat een variant noemen van ons poldermodel.” Het kantoor van de landsadvocaat Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn trad in deze procedure op voor de oud-rechter en de kosten daarvan werden door de Staat betaald.

Achtergronden van de Haagse rechtbank

De rechtbank zegt allereerst dat het de oud-rechter, net als iedereen, vrij staat een procedure te beginnen. Hij mag echter geen misbruik van dat recht maken. Dat is wel het geval als de belangen van de advocaat onevenredig worden geschaad (rechtsoverweging 5.2/5.3).

De zaak tegen de advocaat was uniek, omdat nooit eerder een rechter tegen een advocaat had geprocedeerd. Er was dan ook veel publiciteit te verwachten. De oud-rechter moest bijzonder zorgvuldig zijn over wat hij in de procedure als waarheid presenteerde. Hij mocht er immers vanuit gaan dat het publiek die stelling als waar zou aannemen omdat rechters doorgaans op hun woord geloofd worden.

De oud-rechter heeft in de zaak tegen de advocaat de stelling centraal gesteld dat hij nimmer met advocaten in de Chipsholzaak heeft gebeld. Nu de advocaat het tegenovergestelde had beweerd, had deze stelling negatieve gevolgen voor de geloofwaardigheid van de advocaat. Als zou blijken dat de oud-rechter wèl met advocaten in de Chipsholzaak heeft gebeld, dan heeft hij willens en wetens de procedure op een onwaarheid gebaseerd, en daarmee onrechtmatig jegens de advocaat gehandeld. Immers zijn dan, bezien in samenhang met de hiervoor genoemde omstandigheden, de belangen van de advocaat onevenredig benadeeld (rechtsoverweging 5.4).

Inmiddels heeft de oud-rechter erkend met één advocaat in de Chipsholzaak te hebben gebeld. Hij heeft echter steeds ontkend met de advocaat zelf te hebben gebeld. De advocaat heeft hiervan de bewijslast. De rechtbank is op basis van het aanwezige bewijsmateriaal van oordeel dat dit bewijs is geleverd. De rechtbank baseert dit op de verklaring van de advocaat en die van zijn secretaresse en voorts op een brief die de advocaat in december 1994 aan de president van de rechtbank zond, waarin hij verwijst naar een telefoongesprek met de oud-rechter. De oud-rechter mag echter wel tegenbewijs leveren (rechtsoverweging 6.10).

De rechtbank zegt verder dat het handelen van de Staat en de landsadvocaat niet als onrechtmatig kan worden aangemerkt. Zij mochten vertrouwen op de juistheid van de mededelingen van de oud-rechter, ook al werd die juistheid door de advocaat betwist. Deze vorderingen zullen daarom worden afgewezen (rechtsoverwegingen 8.4/8.5 en 9.2).

LJ Nummer BP7073

 
< Vorige   Volgende >


 zondag, 25 februari 2018





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
'Bedoeling was dat slachtoffer naar Suriname zou gaan en daar zijn dood in scene zou zetten'
Nationale Nederlanden Levensverzekeringen opgelicht, moord om uitkering

De verdachte heeft in de periode van 2 januari 2013 tot en met 25 februari 2013 te Rotterdam samen met een mededader het slachtoffer vermoord om een uitkering onder een levensverzekering te krijgen. Ook heeft hij een groot aantal (pogingen tot) fraude en valsheid in geschrifte gepleegd. Van enorme BTW-fraude tot fraude met kinderopvang en alles daartussen.

Een deel uit het standpunt van 41-jarige verdachte:

 'De verdachte ontkent iedere betrokkenheid bij de dood van[slachtoffer]. Hij erkent dat hij een verzekering bij Nationale Nederland op het leven van[slachtoffer] had afgesloten en ook dat dit gedaan is om Nationale Nederlanden op te lichten.[slachtoffer] en hij hadden dit samen opgezet. De bedoeling was dat[slachtoffer] naar Suriname zou gaan, dat hij daar zijn dood in scene zou zetten en dat hij dan onder een andere naam in Suriname zou blijven wonen. De uitkering van € 500.000,00 zou worden gedeeld tussen[slachtoffer] (€ 200.000,00) en de verdachte (€ 300.000,00). Dit plan is echter nooit uitgevoerd.

De verdachte had zelf onder een andere verzekering bij Nationale Nederlanden een uitkering geclaimd en gekregen nadat[slachtoffer], [medeverdachte] en hij op 2 januari 2013 een overval op de verdachte in scene hadden gezet. De verdachte vermoedt dat dit[slachtoffer] heeft geïnspireerd, dat[slachtoffer] en [medeverdachte] in de avond van 24 februari 2013 een overval in scene hebben willen zetten en dat [medeverdachte] daarbij[slachtoffer] heeft gedood. Hijzelf had[slachtoffer] nog afgeraden om een dergelijke fraude te proberen, omdat het bij Nationale Nederlanden zou opvallen dat er kort na elkaar twee keer een vergelijkbare schade zou worden geclaimd.

Uit de strafmotivering:

 'De verdachte heeft samen met een ander[slachtoffer] om het leven gebracht.[slachtoffer] is door de verdachte en diens mededader in een machteloze positie gebracht, nadat[slachtoffer] in de waan was gebracht dat deze (slechts) zou worden mishandeld om een verzekeringsuitkering te krijgen.[slachtoffer] is vervolgens op een vreselijke manier overleden. Van het vertrouwen dat[slachtoffer] in de verdachte, een vriend, had gesteld, is door de verdachte grof misbruik gemaakt. Het behoeft geen toelichting dat dit een zeer ernstig strafbaar feit is.

LEES VERDER...
 
Brief Raad voor de rechtspraak na tweede rondgang langs gerechten

Rvdr, Den Haag -  De Raad voor de rechtspraak treft dertien concrete maatregelen om de in december 2012 in een manifest gesignaleerde problemen op te lossen en onvrede in de Rechtspraak weg te nemen.

Dat staat in een brief die de Raad voor de rechtspraak aan alle medewerkers heeft gestuurd. De aanleiding voor de brief was een manifest dat door raadsheren van het toenmalige gerechtshof in Leeuwarden was opgesteld. Dit manifest riep de Raad voor de rechtspraak en de gerechtsbesturen op prioriteit te geven aan kwaliteit en inhoud van het rechtspreken en minder te sturen op productiecijfers.

LEES VERDER...
 
Alex Brenninkmeijer wordt hoogleraar Institutionele aspecten van de rechtsstaat

“Als oud-rechter, voormalig Nationale ombudsman en tegenwoordig lid van de Europese Rekenkamer heb ik ervaring met drie instituties van de rechtsstaat, het lijkt mij geweldig om mijn ervaring in de Utrechtse academische context te delen en mee te werken aan het strategisch thema Instituties”, aldus Brenninkmeijer.

Vanaf juli dit jaar is voormalig nationaal ombudsman dr. Alex Brenninkmeijer (1951) hoogleraar ‘Institutionele aspecten van de rechtsstaat’ aan de Universiteit Utrecht, zo laat de UU weten.

LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden