Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Arbeidszaak uitschelden leidinggevende: fucking hoer roepen en toch nog een ontbindingsvergoeding

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Arbeidszaak uitschelden leidinggevende: fucking hoer roepen en toch nog een ontbindingsvergoeding

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Opmerkelijk arrow Arbeidszaak uitschelden leidinggevende: fucking hoer roepen en toch nog een ontbindingsvergoeding
 
Arbeidszaak uitschelden leidinggevende: fucking hoer roepen en toch nog een ontbindingsvergoeding
maandag, 17 oktober 2011

Als iemand de fatsoensnormen niet is nagekomen...

... dan is dat zeker niet werknemer geweest, want de arbeidsrelatie met de leidinggevende is al langere tijd moeizaam. De medewerkers van verzoekster (werkgever) hebben op 8 februari 2011 daarover een brief gestuurd. Deze brief is door 30 medewerkers ondertekend. In reactie daarop kwam er slechts een kort memo, hetgeen niet getuigt van goed werkgeverschap van verzoekster, aldus zegt werknemer zelf in deze arbeidszaak.

Enfin, de werknemer/verweerder/driftkikker probeert vanzelfsprekend een draai te geven aan het ontslag op staande voet van 19 mei 2011 en betwist dat zich een dringende reden voor dit ontslag heeft voorgedaan.

Ook wordt betwist dat er gewichtige redenen voor ontbinding zijn in de door verzoekster/werkgever bedoelde zin. 

Wat was er aan de hand?

Hij was een medewerker expeditie en genoot een salaris van € 2.307,42 per maand, exclusief vakantietoeslag, een “werkvenstertoeslag” van € 1.028,00 per maand én - no pun intended - een “koelingstoeslag” van € 58,90 bruto per maand.

Teamleidster van verweerder had hem op zondagavond, 15 mei 2011, aangesproken op het feit dat hij tijdens werktijd stond te kletsen. Zonder dat werknemer pauze had zou hij geruime tijd in de kantine hebben vertoeft. De teamleidster heeft verklaard dat - nadat zij werknemer had aangesproken - hij furieus heeft gereageerd. Hij zou 'niets met haar te maken hebben' en haar onder meer “fucking hoer” hebben genoemd.

Hij betwist dat hij de leidinggevende heeft uitgescholden, maar niet dat ie boos was en met stemverheffing tegen haar heeft gesproken in de kantine. Werknemer vindt dat hij zich de afgelopen tien jaar (ook in moeilijke tijden) volledig heeft ingezet en goed gefunctioneerd.

Als er ontbonden wordt, verzoekt verweerder rekening te houden met de fictieve opzegtermijn. Nu de grondslag voor het verzoek ontbreekt, acht verweerder een vergoeding met C=2 redelijk. En die zou dan € 51.318,00 bruto bedragen. 

Beoordeling door de kantonrechter

11.  Overwogen wordt dat de door [verzoekster] aangevoerde reden voor het ontslag op staande voet, zijnde dat [verweerder] geweigerd heeft redelijk instructies van zijn leidinggevende op dat moment, mevrouw [naam teamleidster verweerder], op te volgen en haar heeft uitgescholden voor ‘fucking hoer’, in beginsel aangemerkt zal worden als een dringende reden voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet. Dit ligt echter thans niet ter beoordeling voor.

Daarvoor is - ondanks de onderbouwing zijdens [verzoekster], door de betwisting zijdens [verweerder] - nader onderzoek van de feiten nodig en de onderhavige procedure leent zich daar naar haar karakter niet voor. Dat zal in de bodemprocedure dienen te geschieden.

12.  Dat er sprake is geweest van een dringende reden zoals gesteld in het verzoekschrift, staat derhalve thans nog niet komen vast. Het verzoek, voorzover gebaseerd op die dringende reden, moet dan ook worden afgewezen.

13.  Beoordeeld dient thans te worden of de verhoudingen tussen partijen dermate verstoord zijn geraakt, dat een vruchtbare voortzetting van het dienstverband niet meer tot de mogelijkhe-den behoort en zo dat niet het geval is, of de arbeidsovereenkomst dient te worden ontbonden en/of daarbij aan [verweerder] een vergoeding moet worden toegekend.

14.  Daartoe wordt overwogen dat de redenen die [verzoekster], buiten de gebeurtenissen op 15 mei 2011, waarvan het precieze verloop hier niet nader kan worden vast gesteld, aan haar verzoek ten grondslag heeft gelegd, onvoldoende zwaarwichtig zijn om de arbeidsovereenkomst op te ontbinden. Zeker gelet op de duur van het dienstverband en de persoonlijke omstandigheden van [verweerder].
15.  Beide partijen geven een fundamenteel andere lezing van de gebeurtenissen op 15 mei 2011. [verweerder] beticht mevrouw [naam teamleidster verweerder] en de heer [naam] feitelijk van het afleggen van een op meerdere punten onwaarachtige - valse - verklaring en omgekeerd. De verhoudingen tussen deze medewerkers van [verzoekster] zijn mede hierdoor en door de gebeurtenissen op 15 mei 2011 - wat er die dag ook precies is gebeurd - volstrekt verstoord geraakt. [verzoekster] steunt daarin de lezing van mevrouw [naam teamleidster verweerder], net zoals [verzoekster] eerder haar handelwijze ten opzichte van [verweerder] en zijn 29 collega’s heeft gesteund. Hoewel [verweerder] niet dagelijks onder leiding en toezicht van mevrouw [naam teamleidster verweerder] werkt, is onbetwist gebleven dat zij elkaar wel (bijna) dagelijks tegenkomen. Tegen deze achtergrond kan niet worden ingezien hoe het dienstverband tussen [verzoekster] en [verweerder] op vruchtbare wijze kan worden voortgezet. De arbeidsovereenkomst wordt daarom ontbonden, ondanks het belang van [verweerder] bij voortzetting daarvan.

16.  Nu in de bodemprocedure dient te worden vastgesteld wat er precies is gebeurd op 15 mei 2011, terwijl in deze procedure wordt uitgegaan van de situatie, waarin het dienstverband niet is geëindigd als gevolg van het ontslag op staande voet en dus de lezing van [verzoekster] niet in rechte komt vast te staan, zal [verweerder] een vergoeding worden toegekend.

17.  In dat verband wordt overwogen dat de aanleiding van de gebeurtenissen en dus de versto-ring is gelegen in de reactie van [verweerder] op een - ook als de lezing van [verweerder] wordt gevolgd - redelijke opdracht van mevrouw [naam teamleidster verweerder], de leidinggevende van [verweerder] op dat moment, over het hervatten van de werkzaamheden, en zijn - ook als de lezing van [verweerder] wordt gevolgd - ongepaste reactie daarop, door dit bevel niet op te volgen maar in de kantine te gaan zitten en te blijven. Daarmee valt de ontbinding deels in de risicosfeer van [verweerder].

18.  Ook weegt mee dat [verweerder] ten onrechte [verzoekster] verwijt niet adequaat te hebben gehandeld naar aanleiding van de klacht van 8 februari 2011 over mevrouw [naam teamleidster verweerder]; dat [verweerder] zich niet kan vinden in de reactie is duidelijk, maar dat maakt die reactie niet onredelijk. Tot slot weegt mee de duur van het dienstverband, de leeftijd van [verweerder] en de hoogte van zijn loon.'

Aldus mr. M.V. Ulrici, kantonrechter bij uitspraak van 30 september 2011. De vergoeding wordt vervolgens bepaald op € 8.500,00 bruto (C=0.5). (Werkgever mag overigens haar verzoek in zo'n geval formeel nog intrekken).

 
< Vorige   Volgende >


 woensdag, 15 augustus 2018






O P M E R K E L IJ K
Van slachtoffer tot dader? 8 jaar celstraf man die zijn mogelijke ontuchtpleger dood heeft geslagen

Man wilde koste wat het kost het beeldmateriaal in handen krijgen

Rb Almelo/NJD - De rechtbank Overijssel in Almelo heeft een 29-jarige man uit Hof van Twente veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht jaar wegens doodslag op een 59-jarige man uit Goor. De straf komt overeen met de eis van het OM. De rechtbank oordeelt dat de man het slachtoffer vorig zomer met opzet van het leven beroofde, maar ziet geen bewijs dat hij met voorbedachten rade handelde.

LEES VERDER...
 
Hof: wrakingsverzoek gegrond, raadsheer eerst gedelegeerd rc, later in rol voorzitter strafkamer
Verzoeker is ontvankelijk in zijn (tweede) wrakingsverzoek, nu sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gegrond. Het wrakingsverzoek komt er in de kern op neer dat de raadsheer niet heeft ingegrepen nadat zij ervan op de hoogte was gesteld dat (reeds) één van de getuigen in strijd met de beslissing van het hof en buiten aanwezigheid van de verdediging was gehoord door de politie en dat enige dagen nadien een andere getuige door de politie zou worden gehoord.
LEES VERDER...
 
Edward Kleemans in commissie National Academy of Sciences voor onderzoek naar illegale tabaksmarkt
Edward Kleemans, hoogleraar Zware Criminaliteit en Rechtshandhaving, is benoemd in de onderzoekscommissie 'Committee on the Illicit Tobacco Market' van de NAS. Dat laat de Vrije Universiteit weten. Met de staf van de National Academy of Sciences gaat deze commissie onderzoek doen naar de 'stand van de internationale wetenschappelijke kennis op het gebied van roken, tabaksbeleid en de illegale tabaksmarkt'.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden