Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Uitspraak HvJ EU: nationaliteitsvereiste notarissen is in strijd met de vrijheid van vestiging

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Uitspraak HvJ EU: nationaliteitsvereiste notarissen is in strijd met de vrijheid van vestiging

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Notariaat arrow Uitspraak HvJ EU: nationaliteitsvereiste notarissen is in strijd met de vrijheid van vestiging
 
Uitspraak HvJ EU: nationaliteitsvereiste notarissen is in strijd met de vrijheid van vestiging
donderdag, 1 december 2011

HvJ EU - Artikel 6 van de Nederlandse Wet op het notarisambt bepaalt dat alleen personen die de Nederlandse nationaliteit bezitten, benoembaar zijn tot notaris. Volgens de Europese Commissie is dit vereiste in strijd met de vrijheid van vestiging, omdat Nederland hiermee burgers van andere lidstaten belet zich in Nederland te vestigen ter uitoefening van het beroep van notaris.

Nederland heeft de Commissie meegedeend de noodzakelijke wetswijzigingen niet aan te brengen, zolang het Hof geen uitspraak zou hebben gedaan in de soortgelijke zaken tussen de Commissie en respectievelijk het Koninkrijk België, de Franse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, de Republiek Oostenrijk, de Bondsrepubliek Duitsland en de Helleense Republiek (arresten van 24 mei 2011, Commissie/België, C 47/08; Commissie/Frankrijk, C 50/08; Commissie/Luxemburg, C 51/08; Commissie/Oostenrijk, C 53/08; Commissie/Duitsland, C 54/08, en Commissie/Griekenland, C 61/08). Red. NJD, zie http://curia.europa.eu (link)

In zijn uitspraak bevestigt het Hof de zienswijze van de Commissie.

Geoordeeld wordt dat het Nederlandse nationaliteitsvereiste in strijd is met de vrijheid van vestiging. Het Hof overweegt dat werkzaamheden die een rechtstreekse en specifieke deelneming aan de uitoefening van het openbaar gezag vormen, buiten de reikwijdte van de vrijheid van vestiging vallen. Echter, zowel de authenticatietaak van de notaris als de overige werkzaamheden van de notaris, zoals taken op het gebied van verzegeling en ontzegeling en het opmaken van boedelbeschrijvingen, kunnen niet als zodanige werkzaamheden worden aangemerkt.

Als gevolg hiervan valt het Nederlandse nationaliteitsvereiste binnen de reikwijdte van de vrijheid van vestiging, en vormt deze een verboden discriminatie op grond van nationaliteit.

 
< Vorige   Volgende >


 zaterdag, 21 juli 2018






O P M E R K E L IJ K
'Bedoeling was dat slachtoffer naar Suriname zou gaan en daar zijn dood in scene zou zetten'
Nationale Nederlanden Levensverzekeringen opgelicht, moord om uitkering

De verdachte heeft in de periode van 2 januari 2013 tot en met 25 februari 2013 te Rotterdam samen met een mededader het slachtoffer vermoord om een uitkering onder een levensverzekering te krijgen. Ook heeft hij een groot aantal (pogingen tot) fraude en valsheid in geschrifte gepleegd. Van enorme BTW-fraude tot fraude met kinderopvang en alles daartussen.

Een deel uit het standpunt van 41-jarige verdachte:

 'De verdachte ontkent iedere betrokkenheid bij de dood van[slachtoffer]. Hij erkent dat hij een verzekering bij Nationale Nederland op het leven van[slachtoffer] had afgesloten en ook dat dit gedaan is om Nationale Nederlanden op te lichten.[slachtoffer] en hij hadden dit samen opgezet. De bedoeling was dat[slachtoffer] naar Suriname zou gaan, dat hij daar zijn dood in scene zou zetten en dat hij dan onder een andere naam in Suriname zou blijven wonen. De uitkering van € 500.000,00 zou worden gedeeld tussen[slachtoffer] (€ 200.000,00) en de verdachte (€ 300.000,00). Dit plan is echter nooit uitgevoerd.

De verdachte had zelf onder een andere verzekering bij Nationale Nederlanden een uitkering geclaimd en gekregen nadat[slachtoffer], [medeverdachte] en hij op 2 januari 2013 een overval op de verdachte in scene hadden gezet. De verdachte vermoedt dat dit[slachtoffer] heeft geďnspireerd, dat[slachtoffer] en [medeverdachte] in de avond van 24 februari 2013 een overval in scene hebben willen zetten en dat [medeverdachte] daarbij[slachtoffer] heeft gedood. Hijzelf had[slachtoffer] nog afgeraden om een dergelijke fraude te proberen, omdat het bij Nationale Nederlanden zou opvallen dat er kort na elkaar twee keer een vergelijkbare schade zou worden geclaimd.

Uit de strafmotivering:

 'De verdachte heeft samen met een ander[slachtoffer] om het leven gebracht.[slachtoffer] is door de verdachte en diens mededader in een machteloze positie gebracht, nadat[slachtoffer] in de waan was gebracht dat deze (slechts) zou worden mishandeld om een verzekeringsuitkering te krijgen.[slachtoffer] is vervolgens op een vreselijke manier overleden. Van het vertrouwen dat[slachtoffer] in de verdachte, een vriend, had gesteld, is door de verdachte grof misbruik gemaakt. Het behoeft geen toelichting dat dit een zeer ernstig strafbaar feit is.

LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ‘Rechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederland’.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 
Arnoldus voorgedragen als lid Raad voor de rechtspraak
Peter Arnoldus is voorgedragen als lid Raad voor de rechtspraak, zo maakte het gelijknamige instituut vrijdag bekend. De Raad behartigt de belangen van de gerechten bij de politiek en het (lands)bestuur, vooral bij de minister van Veiligheid en Justitie. Arnoldus is op dit moment directeur financieel-economische zaken bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij zal zich voor de Raad onder meer bezighouden met financiën en huisvesting.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden