Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Een transgender met bedenkingen: recht op voornaamswijziging na een eerdere voornaamswijziging

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Een transgender met bedenkingen: recht op voornaamswijziging na een eerdere voornaamswijziging

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Opmerkelijk arrow Een transgender met bedenkingen: recht op voornaamswijziging na een eerdere voornaamswijziging
 
Een transgender met bedenkingen: recht op voornaamswijziging na een eerdere voornaamswijziging
woensdag, 8 augustus 2012

Casus M/V

Deze persoon wenst een voornaamswijziging na een eerdere voornaamswijziging. Het geslacht van verzoeker is formeel steeds mannelijk gebleven, wat een aankopingspunt biedt om de namen weer terug te draaien, zo blijkt.

Hij (transgenderstatus) is teruggekomen op zijn overtuiging om, in afwijking van het mannelijk geslacht dat staat vermeld op zijn geboorteakte, tot het vrouwelijk geslacht te willen behoren en wenst om die reden zijn eerder van mannelijke in vrouwelijke gewijzigde voornamen wederom te wijzigen in (de oorspronkelijke) mannelijke geslachtsnamen.

 '3.2 De beoordeling; De rechtbank overweegt als volgt. Ingevolge artikel 1:4 lid 4 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan op verzoek van de betrokken persoon een wijziging van de voornamen worden gelast. Voor een voornaamswijziging dient voldoende zwaarwichtig belang te bestaan.

Verzoeker heeft naar het oordeel van de rechtbank voldoende aannemelijk gemaakt dat daarvan in de onderhavige situatie sprake is. Verzoeker is als man geboren, maar heeft onweersproken gesteld dat hij in zijn jonge jaren de overtuiging had tot de andere kunne te behoren.

Hij ging als vrouw door het leven en in 1984 is op zijn verzoek de wijziging van zijn mannelijke voornamen “[mannelijke voornamen]” in de vrouwelijke voornamen “[vrouwelijke voornamen]” gelast. Wijziging van het in de geboorteakte vermelde geslacht van verzoeker heeft nimmer plaatsgevonden, ook niet nadat de mogelijkheid daartoe in 1985 in het Nederlands recht is geïntroduceerd.

Het geslacht van verzoeker is derhalve formeel steeds mannelijk gebleven. Verzoeker gaat, na een lange overgangsperiode, sinds 2006 ook feitelijk weer als man door het leven.

Hij heeft onweersproken gesteld dat hij in die hoedanigheid in het dagelijks leven veel hinder ondervindt van zijn vrouwelijke voornamen. De man heeft naar het oordeel van de rechtbank voldoende aannemelijk gemaakt dat zijn vrouwelijke voornamen in combinatie met zijn mannelijk geslacht identificatieproblemen opleveren.

Bovendien kunnen de vrouwelijke voornamen, gelet op de mannelijke verschijning en het mannelijk geslacht van de man, aangemerkt worden als ongepast in de zin van artikel 1:4 lid 2 BW. Het voorgaande in aanmerking genomen heeft de man voldoende belang bij de door hem verzochte naamswijziging.

Het belang dat het rechtsverkeer in zijn algemeenheid heeft bij naamconsistentie weegt daar, mede gelet op de huidige inrichting van de publieke administratie die vaak werkt met het burgerservicenummer, onvoldoende tegen op.

De door verzoeker gewenste voornamen “[mannelijke voornamen]” zijn bovendien niet ongepast in de zin van artikel 1:4 lid 2 BW en stemmen evenmin overeen met een bestaande geslachtsnaam. Het verzoek vindt derhalve voldoende steun in de wet, zodat de rechtbank de verzochte voornaamswijziging zal gelasten.'

Aldus luidt de beslissing van mr. S. Kuypers gegeven op 27 juni 2012.

LJN: BX3747, Rechtbank Middelburg, 82712 / FA RK 12-285

 
< Vorige   Volgende >


 dinsdag, 25 september 2018






O P M E R K E L IJ K
'Bedoeling was dat slachtoffer naar Suriname zou gaan en daar zijn dood in scene zou zetten'
Nationale Nederlanden Levensverzekeringen opgelicht, moord om uitkering

De verdachte heeft in de periode van 2 januari 2013 tot en met 25 februari 2013 te Rotterdam samen met een mededader het slachtoffer vermoord om een uitkering onder een levensverzekering te krijgen. Ook heeft hij een groot aantal (pogingen tot) fraude en valsheid in geschrifte gepleegd. Van enorme BTW-fraude tot fraude met kinderopvang en alles daartussen.

Een deel uit het standpunt van 41-jarige verdachte:

 'De verdachte ontkent iedere betrokkenheid bij de dood van[slachtoffer]. Hij erkent dat hij een verzekering bij Nationale Nederland op het leven van[slachtoffer] had afgesloten en ook dat dit gedaan is om Nationale Nederlanden op te lichten.[slachtoffer] en hij hadden dit samen opgezet. De bedoeling was dat[slachtoffer] naar Suriname zou gaan, dat hij daar zijn dood in scene zou zetten en dat hij dan onder een andere naam in Suriname zou blijven wonen. De uitkering van € 500.000,00 zou worden gedeeld tussen[slachtoffer] (€ 200.000,00) en de verdachte (€ 300.000,00). Dit plan is echter nooit uitgevoerd.

De verdachte had zelf onder een andere verzekering bij Nationale Nederlanden een uitkering geclaimd en gekregen nadat[slachtoffer], [medeverdachte] en hij op 2 januari 2013 een overval op de verdachte in scene hadden gezet. De verdachte vermoedt dat dit[slachtoffer] heeft geïnspireerd, dat[slachtoffer] en [medeverdachte] in de avond van 24 februari 2013 een overval in scene hebben willen zetten en dat [medeverdachte] daarbij[slachtoffer] heeft gedood. Hijzelf had[slachtoffer] nog afgeraden om een dergelijke fraude te proberen, omdat het bij Nationale Nederlanden zou opvallen dat er kort na elkaar twee keer een vergelijkbare schade zou worden geclaimd.

Uit de strafmotivering:

 'De verdachte heeft samen met een ander[slachtoffer] om het leven gebracht.[slachtoffer] is door de verdachte en diens mededader in een machteloze positie gebracht, nadat[slachtoffer] in de waan was gebracht dat deze (slechts) zou worden mishandeld om een verzekeringsuitkering te krijgen.[slachtoffer] is vervolgens op een vreselijke manier overleden. Van het vertrouwen dat[slachtoffer] in de verdachte, een vriend, had gesteld, is door de verdachte grof misbruik gemaakt. Het behoeft geen toelichting dat dit een zeer ernstig strafbaar feit is.

LEES VERDER...
 
Wim Daniëls bij rechtbank Oost-Brabant: ‘Als je er maar een komma achter zet’

De Rechtspraak, Den Haag -  Zet taalexpert Wim Daniëls met zeventig juristen in een zaal en je hebt een boeiende cocktail. Dat bleek maandag 13 mei bij de eerste editie van BuitensteBinnen, een initiatief van rechtbank Oost-Brabant om regelmatig experts van buiten uit te nodigen.

Daniëls besprak humoristisch en deskundig het taalgebruik in een aantal vonnissen. Dat leverde herkenbare voorbeelden op. Een oplossing is volgens de taaldokter binnen handbereik: “Als u met z’n allen in dit pand afspraken maakt over taalgebruik, is het nú veranderd.”

LEES VERDER...
 
UvA-eredoctoraten voor econoom Alvin Roth en rechtsgeleerde James Crawford
UvA - De Universiteit van Amsterdam (UvA) kent eredoctoraten toe aan econoom en Nobelprijswinnaar Alvin Roth en rechtsgeleerde James Crawford. Crawford ontvangt het eredoctoraat vanwege de grote invloed die hij heeft op de internationale rechtswetenschap, in het bijzonder op het internationale aansprakelijkheidsrecht.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden