Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Rechterlijke specialisatie in mensenhandelzaken

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Rechterlijke specialisatie in mensenhandelzaken

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Rechters arrow Rechterlijke specialisatie in mensenhandelzaken
 
Rechterlijke specialisatie in mensenhandelzaken
donderdag, 18 oktober 2012

Rechtspraak.nl, Den Haag - De gerechten beleggen de behandeling van mensenhandelzaken bij een beperkt aantal rechters per gerecht. Als gevolg van de invoering van de Wet herziening gerechtelijke kaart wordt het aantal rechtbanken per 1 januari 2013 verminderd van 19 naar 10 (of 11, na splitsing van Oost-Nederland in twee rechtbanken).

Het Landelijk Overleg van Voorzitters van Strafsectoren (LOVS) ziet hierin aanleiding om per gerecht de mensenhandelzaken te laten behandelen door een beperkt aantal rechters en juridisch medewerkers. Hierdoor kunnen de gerechten ervoor zorgen dat de rechters en medewerkers over voldoende vakinhoudelijke kennis beschikken om de vaak gecompliceerde mensenhandelzaken te behandelen.

De Rechtspraak gaat ook meer investeren in de opleiding van rechters die mensenhandelzaken behandelen. Het opleidingsinstituut van de Rechtspraak, SSR, en waar nodig en mogelijk ook het Bureau van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, worden hierbij betrokken.

Op 11 april 2013 zal er voorts voor deelnemers uit de Rechtspraak (ZM en OM) een symposium over het onderwerp Mensenhandel worden georganiseerd.

Boodschap
De Rechtspraak komt hiermee tegemoet aan een aanbeveling van het Bureau Nationaal Rapporteur Mensenhandel (BNRM). Nationaal Rapporteur Corinne Dettmeijer bood vanmiddag aan minister van Veiligheid en Justitie haar nieuwste onderzoek aan. Een en ander gebeurde in het kader van de Europese Dag tegen Mensenhandel. De kernboodschap van het BNRM-rapport is dat binnen de Rechtspraak  ‘specialisatie en opleiding noodzakelijk zijn om mensenhandelzaken af te kunnen doen op een wijze die past bij de ernst van het delict en de aandacht die het fenomeen mensenhandel nationaal en internationaal genereert’.

Complex
Een belangrijke reden voor de specialisatie in mensenhandelzaken is dat het wetsartikel op grond waarvan mensenhandelaren worden vervolgd (273f Sr), complex is. Het artikel is gebaseerd op internationale instrumenten en alle mensenhandelvarianten zijn in één artikel vervat. Verder is het artikel opgebouwd uit meerdere uiteenlopende gedragingen, waarbij ook de strafwaardigheid verschilt. “Door de schaalvergroting als gevolg van de herziening van de gerechtelijke kaart kunnen we dit soort specialismen makkelijker organiseren”, licht de voorzitter van het LOVS, Jasper van den Beld, toe.

Oriëntatiepunten
Nationaal Rapporteur Mensenhandel Corinne Dettmeijer doet in haar rapport ook een aanbeveling tot het opstellen van oriëntatiepunten voor de straftoemeting in mensenhandelzaken, omdat uit haar onderzoek ‘is gebleken dat de straftoemeting in mensenhandelzaken uiteenloopt’. Oriëntatiepunten zijn landelijke indicaties van strafmaten die rechters gebruiken bij het bepalen van een straf per specifiek delict.

Doel van de oriëntatiepunten is meer eenheid van rechtspraak: vergelijkbare gevallen dienen in principe vergelijkbaar bestraft te worden. “Met dit principe, het streven naar rechtseenheid, is de Rechtspraak het geheel eens”, zegt Jasper van den Beld.

 “De reden dat er tot nu toe geen oriëntatiepunten zijn voor mensenhandel, komt doordat er nog onvoldoende jurisprudentie is. Er is een voldoende groot aantal rechterlijke uitspraken nodig om betekenisvolle oriëntatiepunten te kunnen formuleren en daarvan was eerder nog geen sprake. We hebben de Nationaal Rapporteur toegezegd dat we de mogelijkheid om tot oriëntatiepunten te komen opnieuw onderzoeken. Antwoord op die vraag zal er vermoedelijk in het voorjaar zijn.”    

 
< Vorige   Volgende >


 zondag, 20 mei 2018





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
'Bedoeling was dat slachtoffer naar Suriname zou gaan en daar zijn dood in scene zou zetten'
Nationale Nederlanden Levensverzekeringen opgelicht, moord om uitkering

De verdachte heeft in de periode van 2 januari 2013 tot en met 25 februari 2013 te Rotterdam samen met een mededader het slachtoffer vermoord om een uitkering onder een levensverzekering te krijgen. Ook heeft hij een groot aantal (pogingen tot) fraude en valsheid in geschrifte gepleegd. Van enorme BTW-fraude tot fraude met kinderopvang en alles daartussen.

Een deel uit het standpunt van 41-jarige verdachte:

 'De verdachte ontkent iedere betrokkenheid bij de dood van[slachtoffer]. Hij erkent dat hij een verzekering bij Nationale Nederland op het leven van[slachtoffer] had afgesloten en ook dat dit gedaan is om Nationale Nederlanden op te lichten.[slachtoffer] en hij hadden dit samen opgezet. De bedoeling was dat[slachtoffer] naar Suriname zou gaan, dat hij daar zijn dood in scene zou zetten en dat hij dan onder een andere naam in Suriname zou blijven wonen. De uitkering van € 500.000,00 zou worden gedeeld tussen[slachtoffer] (€ 200.000,00) en de verdachte (€ 300.000,00). Dit plan is echter nooit uitgevoerd.

De verdachte had zelf onder een andere verzekering bij Nationale Nederlanden een uitkering geclaimd en gekregen nadat[slachtoffer], [medeverdachte] en hij op 2 januari 2013 een overval op de verdachte in scene hadden gezet. De verdachte vermoedt dat dit[slachtoffer] heeft geïnspireerd, dat[slachtoffer] en [medeverdachte] in de avond van 24 februari 2013 een overval in scene hebben willen zetten en dat [medeverdachte] daarbij[slachtoffer] heeft gedood. Hijzelf had[slachtoffer] nog afgeraden om een dergelijke fraude te proberen, omdat het bij Nationale Nederlanden zou opvallen dat er kort na elkaar twee keer een vergelijkbare schade zou worden geclaimd.

Uit de strafmotivering:

 'De verdachte heeft samen met een ander[slachtoffer] om het leven gebracht.[slachtoffer] is door de verdachte en diens mededader in een machteloze positie gebracht, nadat[slachtoffer] in de waan was gebracht dat deze (slechts) zou worden mishandeld om een verzekeringsuitkering te krijgen.[slachtoffer] is vervolgens op een vreselijke manier overleden. Van het vertrouwen dat[slachtoffer] in de verdachte, een vriend, had gesteld, is door de verdachte grof misbruik gemaakt. Het behoeft geen toelichting dat dit een zeer ernstig strafbaar feit is.

LEES VERDER...
 
Rechters gaan termijnen in civiele zaken strikt handhaven

De Rechtspraak, Den Haag - De termijnen in het rolreglement voor civiele dagvaardingszaken worden vanaf 1 oktober strikt gehandhaafd door alle rechtbanken. In de praktijk blijkt dat sommige rechters soepeler zijn dan anderen, als advocaten zich bijvoorbeeld niet aan de vastgestelde termijn houden bij het indienen van een uitstelverzoek. Daardoor ontstaat rechtsongelijkheid.

De landelijke Rolrechtersvergadering heeft daarom afgesproken met ingang van komend najaar weer streng de hand te houden aan de termijnen.

LEES VERDER...
 
Alex Brenninkmeijer wordt hoogleraar Institutionele aspecten van de rechtsstaat

“Als oud-rechter, voormalig Nationale ombudsman en tegenwoordig lid van de Europese Rekenkamer heb ik ervaring met drie instituties van de rechtsstaat, het lijkt mij geweldig om mijn ervaring in de Utrechtse academische context te delen en mee te werken aan het strategisch thema Instituties”, aldus Brenninkmeijer.

Vanaf juli dit jaar is voormalig nationaal ombudsman dr. Alex Brenninkmeijer (1951) hoogleraar ‘Institutionele aspecten van de rechtsstaat’ aan de Universiteit Utrecht, zo laat de UU weten.

LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden