Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow NJD § RSS
 
Kantonrechter over administratiekosten boete tegen officier en CJIB: waar zijn jullie mee bezig !!?
woensdag, 22 mei 2013

Incassomiddel schiet doel ver voorbij

Een opmerkelijke boete-zaak. Iedereen die wel 'ns een verkeersboete heeft gehad, kent de incasso's van het CJIB. Maar er zijn incassomaatregelen die hun doel ruim voorbij schieten, vindt kantonrechter mr. W.E.M. Verjans. Vooral wanneer het gaat om € 6,00 (zes euro) te innen ten behoeve van de Staat der Nederlanden.

Rechtsbescherming

De wetgever was in een ver verleden van opvatting dat de Wet Mulder/WAHV voldoet aan de eisen die artikel 6 van het Europese Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens stelt aan rechtsbescherming. Verjans vraagt zich af of in het kader van de huidige handhaving van deze wet nog wel sprake is van “een waarborging van de deugdelijke rechtsbescherming van de betrokkene.”

Het CJIB en de bevoegde officier van justitie te Leeuwarden geven helaas geen blijk van enige toetsing aan proportionaliteit en subsidiariteit in het kader van het onderhavige (gestandaardiseerde) incassotraject. De kantonrechter legt het de officier en de medewerkers bij het CJIB in bijzonder heldere termen uit, leest u mee?

 '1.4 De kantonrechter heeft met opzet bovengenoemde -gestandaardiseerde- overwegingen uit het commentaar van de officier van justitie overgenomen in deze beschikking. Hij vraagt zich vervolgens af waar het CJIB, als incasserende instantie, en kennelijk in het verlengde hiervan de bevoegde officier van justitie te Leeuwarden mee bezig is.

Per saldo heeft betrokkene een bedrag van € 6,00 (lees: zes euro!) onbetaald gelaten omdat zij kennis had genomen van een uitspraak van de kantonrechter te Amsterdam waarin -kort gezegd- de verschuldigdheid van deze administratiekosten ter discussie werd gesteld.

Vervolgens krijgt betrokkene hierboven onder 1.3 omschreven “volledig gestandaardiseerde en geautomatiseerde incassotraject” over zich heen. Betrokkene heeft er inderdaad voor gekozen om zijn bezwaar tegen de in rekening gebrachte administratiekosten niet via de beroepsprocedure bij de officier van justitie voor te leggen. Betrokkene wist van een door de officier van justitie ingediend hoger beroep tegen de uitspraak van de kantonrechter te Amsterdam bij het bevoegde gerechtshof. Zij wilde de uitkomst van dit hoger beroep afwachten alvorens de onderhavige administratiekosten te betalen.

1.5 Uit de stukken blijkt dat de staat “Staat der Nederlanden (Ministerie van Justitie), zetelend te ’s-Gravenhage, ten deze vertegenwoordigd door de Officier van Justitie te Leeuwarden,
na de toegepaste verhogingen (ad in totaal € 280,00) op 24 augustus 2012 door de betrokken deurwaarder het in executoriale vorm uitgegeven dwangbevel d.d. 16 augustus 2012 ten laste van betrokkene heeft doen uitgaan, waardoor de verschuldigde som oploopt tot € 438,12.

Daarna volgt namens diezelfde staat op 25 september 2012 de betekening door dezelfde deurwaarder van een executoriaal derdenbeslag bij de ABN AMRO Bank NV op alle vorderingen en/of roerende zaken die geen registergoederen zijn, die de derde-beslagene van de geëxecuteerde (lees: betrokkene) onder zich heeft. Het totaalverschuldigde bedrag (inclusief kosten proces-verbaal & overbetekening) bedraagt inmiddels € 711,97 (exclusief P.M. kosten). Op 5 oktober 2012 vindt vervolgens reeds voormelde overbetekening door de deurwaarder aan betrokkene plaats.

1.6 Dit allemaal naar aanleiding van het onbetaald laten door betrokkene op 13 maart 2012 van € 6,00. Deze gevolgen dienen volgens de bevoegde officier van justitie te Leeuwarden allemaal voor rekening van betrokkene te komen. Betrokkene was immers gewaarschuwd voor de gevolgen van niet tijdige en volledige betaling!

1.7 De WAHV/ Wet Mulder voorziet in de afhandeling van verkeersovertredingen buiten het strafrecht. De doelstelling van de wet zijn in de Memorie van Toelichting als volgt verwoord:

I. De nieuwe regeling dient de werklast van de politie, het openbaar ministerie en de rechterlijke macht in belangrijke mate terug te dringen.
II. De nieuwe wijze van handhaving dient een deugdelijke rechtsbescherming van de betrokkene te waarborgen.
III. De bestaande ineffectiviteit van de tenuitvoerlegging van opgelegde boeten dient te worden weggenomen.
De wetgever was (destijds) van opvatting dat de Wet Mulder/WAHV voldoet aan de eisen die artikel 6 van het Europese Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens stelt aan rechtsbescherming. Deze kantonrechter vraagt zich echter steeds vaker of in het kader van de huidige handhaving van deze wet nog wel sprake is van “een waarborging van de deugdelijke rechtsbescherming van de betrokkene.” Zo ook in deze zaak waarin naar het oordeel van de kantonrechter “buiten alle proporties” incassomaatregelen worden toegepast en dat om € 6,00 (zes euro) te innen ten behoeve van de Staat der Nederlanden. Het CJIB en de bevoegde officier van justitie te Leeuwarden geven geen blijk van enige toetsing aan proportionaliteit en subsidiariteit in het kader van het onderhavige (gestandaardiseerde) incassotraject.

1.8 De vraag rijst steeds vaker: Wie waarborgt een deugdelijke rechtsbescherming van betrokkene in het kader van de toepassing van de Wet Mulder indien de kantonrechter dit niet doet aan het einde van één van de rechtsgangen binnen deze wet?
Het antwoord luidt: Niemand.

In deze procedure zal de kantonrechter het verzet van betrokkene in elk geval gegrond verklaren en het uitgevaardigde dwangbevel vernietigen. Op grond van bovenstaande is de kantonrechter van oordeel dat in alle redelijkheid nooit besloten had mogen worden tot het uitvaardigen van het onderhavige dwangbevel. Meer mogelijkheden heeft de kantonrechter (helaas) niet in het kader van deze verzetprocedure. De kantonrechter is ervan overtuigd dat het CJIB respectievelijk de Officier van Justitie betrokkene -na de uitspraak in hoger beroep- op relatief eenvoudige wijze had kunnen bewegen tot het betalen van de resterende € 6,00.

Dit zou ook voor de Staat der Nederlanden een stuk goedkoper zijn geweest.
Handhaving van wetgeving is belangrijk maar niet voor elke prijs. Dit soort zaken leidt volgens de kantonrechter slechts tot een afnemend vertrouwen van de burger in “een handhavende overheid”.

1.9 De kantonrechter zal voorts bepalen dat het griffierecht, voor zover betaald, aan betrokkene terugbetaald dient te worden.'

Aldus mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 28 maart 2013 in tegenwoordigheid van de griffier.' 

De kantonrechter beslist als volgt: verklaart het verzet gegrond; vernietigt het tegen betrokkene uitgevaardigde dwangbevel; bepaalt dat het griffierecht, voor zover betaald, aan betrokkene dient te worden terugbetaald.

LJN: CA0211, Rechtbank Breda, 738570 mz 12-33

 
< Vorige   Volgende >


 maandag, 11 december 2017





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
Supermarkt aansprakelijk voor glijpartij ingang winkel
Letselschadezaak. Bezoeker van een supermarkt glijdt bij de ingang van de winkel uit doordat de (door regen kletsnat geworden) droogloopmat onder zijn voet wegglijdt. De rechtbank acht de supermarkt aansprakelijk voor de schade.
LEES VERDER...
 
Brief Raad voor de rechtspraak na tweede rondgang langs gerechten

Rvdr, Den Haag -  De Raad voor de rechtspraak treft dertien concrete maatregelen om de in december 2012 in een manifest gesignaleerde problemen op te lossen en onvrede in de Rechtspraak weg te nemen.

Dat staat in een brief die de Raad voor de rechtspraak aan alle medewerkers heeft gestuurd. De aanleiding voor de brief was een manifest dat door raadsheren van het toenmalige gerechtshof in Leeuwarden was opgesteld. Dit manifest riep de Raad voor de rechtspraak en de gerechtsbesturen op prioriteit te geven aan kwaliteit en inhoud van het rechtspreken en minder te sturen op productiecijfers.

LEES VERDER...
 
U I T G E L I C H T
Vanaf vandaag is het Juridisch Loket minder lang open en telefoontarief verhoogd

Aangepaste openingstijden

De bezuinigingen, zo herhaalt het Juridisch Loket nog maar eens, hebben geleid tot maatregelen voor rechtzoekenden. Het Juridisch Loket zegt wel 'overal open en bereikbaar' te willen blijven.

Wie het Juridisch Loket bezoekt dient te letten op de aangepaste openingstijden (zie schema onderaan).
Telefonisch is het loket op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 18.00 uur bereikbaar.

Voor de rechtshulplijn 0900 - 8020 geldt m.i.v. vandaag het verhoogde telefoontarief van € 0,20 p/m. Een online bezoekje aan www.juridischloket.nl scheelt misschien een gang naar het loket.

LEES VERDER...
 
Hans Schenk voorzitter commissie herziening SER-Fusiegedragsregels
Hoogleraar Hans Schenk van Utrecht University School of Economics gaat als kroonlid van de Sociaal-Economische Raad (SER) de commissie over de herziening van de SER-Fusiegedragsregels voorzitten. Dit laat de Universiteit Utrecht weten. Deze gedragsregels zijn in 2001 in werking getreden en beschermen de belangen van werknemers bij voorgenomen fusies tussen ondernemingen. Sindsdien zijn er verschillende knelpunten gesignaleerd bij de toepassing en reikwijdte van de SER Fusiegedragsregels.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden