Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Raad van State wil in twee zaken uitleg over Europese Dienstenrichtlijn

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Raad van State wil in twee zaken uitleg over Europese Dienstenrichtlijn

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina
 
Raad van State wil in twee zaken uitleg over Europese Dienstenrichtlijn
woensdag, 9 juli 2014

RvS, Den Haag -  De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft vandaag (9 juli 2014) in twee zaken zogenoemde prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie in Luxemburg. De Raad van State wil van het Hof uitleg over de Europese Dienstenrichtlijn.

Zaken

In de ene zaak heeft de burgemeester van Amsterdam exploitatievergunningen geweigerd voor twee raamprostitutiebedrijven omdat de exploitant ook kamers verhuurt aan prostituees met wie hij niet in een voor hem begrijpelijke taal kan communiceren.

In de andere zaak gaat het om een weigering door het Amsterdamse college van burgemeester en wethouders om een exploitatievergunning te verlenen voor het per boot vervoeren van passagiers door de Amsterdamse grachten. Volgens het gemeentebestuur is het aantal vergunningen beperkt en is de aanvraag gedaan buiten de 'uitgifteronde'.

Dienstenrichtlijn

De Raad van State ziet zich in deze zaken in de eerste plaats voor de vraag gesteld of de Europese Dienstenrichtlijn van toepassing is. Daarom wil hij van het Hof weten of dienstverrichters een beroep kunnen doen op de richtlijn als zij zich, zoals in deze zaken, alleen in Nederland hebben gevestigd en hun diensten ook niet in andere lidstaten aanbieden.

Daarbij wijst de Raad van State erop dat er in deze zaken wel een "band met het Europese recht kan liggen", onder andere omdat in het geval van het raamprostitutiebedrijf kamers worden verhuurd aan prostituees uit Bulgarije en Hongarije. In het geval van de rederij zouden de passagiers van de boot uit een andere lidstaat kunnen komen.

Taaleis

In de zaak over het raamprostitutiebedrijf wil de Raad van State verder weten of de Europese Dienstenrichtlijn zich verzet tegen een taaleis. Op grond van die eis mag een exploitant alleen kamers verhuren aan prostituees die zich in een voor hem begrijpelijke taal verstaanbaar kunnen maken. Volgens de burgemeester draagt de taaleis bij aan de zorgplicht die de exploitant heeft om te waken voor gedwongen prostitutie en mensenhandel.

Volumebeleid

In de zaak over de rederij heeft de Raad van State nog een vraag over het zogenoemde volumebeleid van de gemeente Amsterdam gesteld. Op grond van dit beleid is een beperkt aantal exploitatievergunningen beschikbaar voor passagiersvervoer over water om de drukte op het water te reguleren.

De vergunningen die worden verleend, worden voor onbeperkte tijd verleend. De Raad van State wil van het Hof in Luxemburg weten of de geldigheidsduur van die vergunningen moet worden beperkt om "vrije toegang tot de dienstenmarkt te bewerkstelligen".

Schorsing behandeling

De behandeling van de zaken bij de Raad van State wordt geschorst in afwachting van de antwoorden van het Hof in Luxemburg. Dit duurt naar verwachting ongeveer een tot anderhalf jaar. Daarna zal de Raad van State de behandeling voortzetten en uiteindelijk definitieve uitspraken doen in deze zaken.

Lees de volledige tekst van de verwijzingsuitspraken met zaaknummer 201208190/1 (raamprostitutiebedrijf) en zaaknummer 201300761/1 (bootvervoer).

 
< Vorige   Volgende >


 zaterdag, 21 juli 2018






O P M E R K E L IJ K
Afwijzing aanvraag om wel heel bijzondere bijstand: kroegbezoek chronisch psychiatrisch patiënt

Afwijzing aanvraag om bijzondere bijstand. Appellante (de aanvrager) lijdt meer dan twintig jaar aan een schizoaffectieve stoornis. Zij heeft vele psychiatrische behandelingen ondergaan en jarenlang een dagactiviteitencentrum bezocht. Op 11 mei 2004 heeft appellante een aanvraag gedaan om bijzondere bijstand voor consumptiekosten in haar stamcafé Marktzicht te Utrecht (café). 

De vrouw heeft toegelicht dat zij een chronisch psychiatrisch patiënt is en dat zij niet alleen thuis kan zijn. Zij brengt haar dagen door in het café om onder de mensen te zijn.

Bij besluit van 15 juni 2004 heeft de gemeente deze aanvraag afgewezen. Bij uitspraak van 16 augustus 2005 heeft de rechtbank het beroep tegen het (latere) besluit ongegrond verklaard. Jaren later (2010) heeft de vrouw het nog een keer geprobeerd, maar de gemeente wees het weer af. Uiteindelijk belandde de zaak bij de hoogste bestuursrechter, de Centrale Raad van Beroep.

Waarom naar de kroeg?

De vrouw vindt dat zij de kosten tot een bedrag van € 300,- per maand niet meer uit haar vermogen kan bestrijden en wijst op een verklaring van haar psychiater. Daarin staat dat de vrouw niet in aanmerking komt voor reguliere dagopvang, omdat zij niet meer bestand is tegen de confrontatie met chronisch psychiatrische patiënten.

In de loop van de jaren heeft zij veel vrienden die zij via de psychiatrie heeft leren kennen, verloren onder andere door zelfdoding. Het café is een laagdrempelige manier om een sociaal netwerk op te bouwen buiten de psychiatrie. Appellante gebruikt sporadisch alcohol.

Uitspraak Centrale Raad

LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ‘Rechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederland’.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden