Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Appartementsgerechtigde bestrijdt met succes kamerverhuur aan studenten door andere leden VvE

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Appartementsgerechtigde bestrijdt met succes kamerverhuur aan studenten door andere leden VvE

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina
 
Appartementsgerechtigde bestrijdt met succes kamerverhuur aan studenten door andere leden VvE
donderdag, 17 juli 2014

Kamer verhuren aan studenten? Dat kan niet altijd zonder slag of stoot. In deze zaak kwam een appartementsgerechtigde op tegen kamerverhuur aan zes studenten door andere appartementsgerechtigden, van de bovenverdieping. De situatie zou al sinds 2004 hebben bestaan en de Vereniging van Eigenaars (VvE) van het appartementencomplex had een slapend bestaan.

De toenmalige appartementsgerechtigde en rechtsvoorganger van geïntimeerden had voor de kamerverhuur in 2004 een onttrekkings- en een exploitatievergunning van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente.

Bezwaren van appellante zouden door dat college bij beslissing van 6 april 2006 zijn afgewezen. Bij brieven van 2 augustus 2007, 13 augustus 2010 en 14 november 2011 heeft appellante grieven geuit tegen de andere eigenaar over geluids- en wateroverlast.

Appelante bepleit vooral dat er gehandeld wordt in strijd met artikel 16 lid 4 van het splitsingsreglement.

Essentie: uitleg notariële slitsingsakte leidt tot oordeel dat bestaande situatie in strijd is met de in die akte opgenomen beperking van het gebruik. Gelet op betrokken rechten van derden comparitie van partijen om de implicaties van een en ander te bespreken. De centrale overwegingen van het hof:

 '5.3  Het hof is van oordeel dat het gewraakte artikel 16 lid 4 van het Modelreglement aldus moet worden gelezen, dat de woning slechts in haar geheel verhuurd mag worden dan wel in gebruik mag worden gegeven aan de tot bewoning gerechtigde, die er zelf met zijn gezin of bij hem inwonenden dient te wonen. Met andere woorden: de hoofdhuurder of hoofdgebruiker kan slechts een gedeelte van de woning aan een (onder)huurder afstaan, aangezien hij er zelf moet blijven wonen.

Het hof acht de ingeschreven splitsingsstukken in dit opzicht voldoende duidelijk; bij een andere uitleg zou het gebruik van de kwalificatie "met hun gezin of bij hen inwonenden" immers zinledig zijn. Dat die kwalificatie hier bewust gekozen is, blijkt uit het feit dat het om een expliciet in de akte opgenomen aanvulling van de (hiervoor onder 3.4 weergegeven) standaard modeltekst gaat.

Dat betekent dat het niet is toegestaan om de gehele woning in delen op te knippen en per kamer te verhuren, zoals [geïntimeerden] en hun rechtsvoorgangers hebben gedaan.

Dit leidt tot de conclusie dat de bestaande situatie zich niet verdraagt met de in de splitsingsakte opgenomen beperking en aldus met die akte in strijd is, zodat de grief in zoverre slaagt.

5.4Daarmee is de vordering van [appellante] nog niet toewijsbaar. Haar vordering gaat immers verder dan een verklaring voor recht aangaande de bestaande situatie: zij vordert dat die situatie binnen drie maanden wordt beëindigd en verbindt daar ook dwangsommen aan.

Gelet op de hierbij in het geding zijnde aanspraken van derden (de huidige bewoners) heeft het hof er behoefte aan om nader met partijen van gedachten te wisselen over de implicaties van de hiervoor onder 5.3 getrokken conclusie. (...)'

Link: ECLI:NL:GHARL:2014:5693

 
< Vorige   Volgende >


 donderdag, 26 april 2018





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
Supermarkt aansprakelijk voor glijpartij ingang winkel
Letselschadezaak. Bezoeker van een supermarkt glijdt bij de ingang van de winkel uit doordat de (door regen kletsnat geworden) droogloopmat onder zijn voet wegglijdt. De rechtbank acht de supermarkt aansprakelijk voor de schade.
LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ‘Rechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederland’.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden