Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Waarschuwing voor advocaat die afgaat op informatie op internet over vermeende fraude

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Waarschuwing voor advocaat die afgaat op informatie op internet over vermeende fraude

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Advocatuur arrow Waarschuwing voor advocaat die afgaat op informatie op internet over vermeende fraude
 
Waarschuwing voor advocaat die afgaat op informatie op internet over vermeende fraude
donderdag, 14 augustus 2014

Beschuldigingen in strijd met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt

Achtergronden, een selectie uit de beslissing. In 2009 heeft de heer [B], tandarts [..], zijn praktijk verkocht aan de besloten vennootschap van mevrouw [S], [T] B.V.. Over deze overeenkomst zijn geschillen ontstaan waarover sedert 1 oktober 2010 bij de rechtbank twee procedures zijn gevoerd.

[B] werd daarin bijgestaan door verweerder. Een van de geschilpunten betrof het volgens [S] door haar aangetroffen bestand aan “zwarte” patiënten (vreemde benaming overigens, red. NJD).

De rechtbank Amsterdam heeft bij vonnis van 12 juni 2013 [T] B.V. veroordeeld tot betaling aan [B] van € 78.030,96. Begin 2011 heeft [S] haar praktijk in Hilversum overgedragen aan een derde. Zelf is zij in Utrecht een nieuwe praktijk gestart.

Medio november 2011 heeft [S] het bestuur van [T] B.V. overgedragen aan [C] B.V. waarvan klager algemeen directeur is. Omdat [T] geen verhaal bood heeft verweerder [S] bij brief d.d. 13 augustus 2013 privé aansprakelijk gesteld voor de door [B] als gevolg van haar onrechtmatige handelwijze geleden en nog te lijden schade. In die brief heeft verweerder onder meer het volgende geschreven:

“U wist, althans kon weten, dat [klager] zich louter bezighoudt met de handel in (lege) vennootschappen, dat het adres wat hij u heeft opgegeven alwaar hij kantoor zou houden niet meer is dan een opslagruimte. Via internet blijkt ook nog eens kinderlijk eenvoudig te ontdekken dat deze heer [klager] eerder veroordeeld is geweest voor frauduleuze praktijken met zijn handel in BV’s.”

De raad heeft geen bewijs aangetroffen van de bewering in zijn brief aan [S] dat klager eerder is veroordeeld voor frauduleuze praktijken met zijn handel in B.V.’s. De advocaat heeft zonder enige onderbouwing beweerd dat klager is veroordeeld voor frauduleus handelen en dat hij iemand is die strafbare feiten pleegt, blijkt uit het oordeel van de raad:

 '5.2 De stellingen in het verzoekschrift dat klager veroordeeld blijkt voor frauduleuze handelingen en dat we hier met een crimineel persoon te maken hebben, zijn door verweerder zonder enig voorbehoud gedaan. Hoewel verweerder daartoe in het kader van het onderzoek van de klacht door de deken en ter zitting door de raad in de gelegenheid is gesteld, heeft hij geen bewijs voor deze ernstig diffamerende beweringen aangedragen.

Dat klager eenmaal is veroordeeld ter zake van onbehoorlijk bestuur impliceert nog niet dat hij frauduleus heeft gehandeld noch dat hij een crimineel persoon is. Hetzelfde geldt voor het als bestuurder betrokken zijn of zijn geweest bij een groot aantal (al dan niet lege) B.V.’s.

De informatie omtrent een beweerd doorsluizen door klager van een bedrag van € 10.000,00, die verweerder zegt te hebben ontleend aan het faillissementsverslag van [M] van maart 2014, dateert van na de brief en het verzoekschrift die onderwerp van de klacht zijn en is om die reden niet relevant, nog afgezien van het feit dat ook voor die informatie de onderbouwing ontbreekt.

Verweerder heeft aldus zonder enige onderbouwing beweerd dat klager is veroordeeld voor frauduleus handelen en dat hij iemand is die strafbare feiten pleegt. Hij heeft klager aldus ongefundeerd in een kwaad daglicht gesteld en in zijn eer en goede naam aangetast. Dat is in strijd met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt.

In zoverre is dit onderdeel van de klacht gegrond.'

De raad heeft verder geen medelijden met de bestuurder:

 'Dat door deze handelwijze van verweerder de uitoefening door klager van zijn praktijk als interim-manager onmogelijk is gemaakt acht de raad niet aannemelijk geworden. In zoverre is dit onderdeel van de klacht ongegrond.'

Maatregel: waarschuwing.

Link ECLI:NL:TADRARL:2014:220 14-44

 
< Vorige   Volgende >


 zondag, 25 juni 2017





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
Afwijzing aanvraag om wel heel bijzondere bijstand: kroegbezoek chronisch psychiatrisch patiënt

Afwijzing aanvraag om bijzondere bijstand. Appellante (de aanvrager) lijdt meer dan twintig jaar aan een schizoaffectieve stoornis. Zij heeft vele psychiatrische behandelingen ondergaan en jarenlang een dagactiviteitencentrum bezocht. Op 11 mei 2004 heeft appellante een aanvraag gedaan om bijzondere bijstand voor consumptiekosten in haar stamcafé Marktzicht te Utrecht (café). 

De vrouw heeft toegelicht dat zij een chronisch psychiatrisch patiënt is en dat zij niet alleen thuis kan zijn. Zij brengt haar dagen door in het café om onder de mensen te zijn.

Bij besluit van 15 juni 2004 heeft de gemeente deze aanvraag afgewezen. Bij uitspraak van 16 augustus 2005 heeft de rechtbank het beroep tegen het (latere) besluit ongegrond verklaard. Jaren later (2010) heeft de vrouw het nog een keer geprobeerd, maar de gemeente wees het weer af. Uiteindelijk belandde de zaak bij de hoogste bestuursrechter, de Centrale Raad van Beroep.

Waarom naar de kroeg?

De vrouw vindt dat zij de kosten tot een bedrag van € 300,- per maand niet meer uit haar vermogen kan bestrijden en wijst op een verklaring van haar psychiater. Daarin staat dat de vrouw niet in aanmerking komt voor reguliere dagopvang, omdat zij niet meer bestand is tegen de confrontatie met chronisch psychiatrische patiënten.

In de loop van de jaren heeft zij veel vrienden die zij via de psychiatrie heeft leren kennen, verloren onder andere door zelfdoding. Het café is een laagdrempelige manier om een sociaal netwerk op te bouwen buiten de psychiatrie. Appellante gebruikt sporadisch alcohol.

Uitspraak Centrale Raad

LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ‘Rechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederland’.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 
U I T G E L I C H T
Vanaf vandaag is het Juridisch Loket minder lang open en telefoontarief verhoogd

Aangepaste openingstijden

De bezuinigingen, zo herhaalt het Juridisch Loket nog maar eens, hebben geleid tot maatregelen voor rechtzoekenden. Het Juridisch Loket zegt wel 'overal open en bereikbaar' te willen blijven.

Wie het Juridisch Loket bezoekt dient te letten op de aangepaste openingstijden (zie schema onderaan).
Telefonisch is het loket op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 18.00 uur bereikbaar.

Voor de rechtshulplijn 0900 - 8020 geldt m.i.v. vandaag het verhoogde telefoontarief van € 0,20 p/m. Een online bezoekje aan www.juridischloket.nl scheelt misschien een gang naar het loket.

LEES VERDER...
 
Peter van den Bossche herbenoemd als rechter bij Wereldhandelsorganisatie
Professor Peter van den Bossche is herbenoemd als rechter bij het Appellate Body van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Hiertoe besloten de 159 Lidstaten van de WTO onlangs tijdens een bijeenkomst in Genève. Universiteit Maastricht meldt verder dat de hoogleraar (sinds 2001, op gebied van Internationaal Economisch Recht) werd benoemd voor een tweede termijn van vier jaar.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden