Nederlands Juridisch Dagblad NJD ß Juridisch nieuws - Informatieplicht advocaten inzake witwasregels niet strijdig met recht eerlijk proces

Nederlands Juridisch Dagblad NJD ß Juridisch nieuws - Informatieplicht advocaten inzake witwasregels niet strijdig met recht eerlijk proces

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII ß Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
ß Gebruiksvoorwaarden 
ß Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD ß RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  OriŽntatie:  Voorpagina arrow Hoofdpunten arrow Informatieplicht advocaten inzake witwasregels niet strijdig met recht eerlijk proces
 
Informatieplicht advocaten inzake witwasregels niet strijdig met recht eerlijk proces
dinsdag, 26 juni 2007
Arrest van het Hof van Justitie (HvJ EG) in zaak C‑305/05 (communiquť) - De richtlijn tot voorkoming van het gebruik van het financiŽle stelsel voor het witwassen van geld is een van de belangrijkste internationale instrumenten om het witwassen van geld te bestrijden.

In 2001 is deze richtlijn geactualiseerd, waarbij rekening is gehouden met de conclusies van de Commissie en de wensen van het Europees Parlement en de lidstaten.

Voortaan zijn notarissen en onafhankelijke beoefenaars van juridische beroepen, als gedefinieerd door de lidstaten, onderworpen aan de bepalingen van de richtlijn wanneer zij deelnemen aan financiŽle of onroerendgoedtransacties of optreden in naam en voor rekening van ondernemingen in enigerlei financiŽle of onroerendgoedtransactie.

Bij twee verzoekschriften van 22 juli 2004 hebben verschillende ordes van advocaten het Arbitragehof (BelgiŽ) verzocht om een aantal artikelen van de Belgische wet ter omzetting van deze richtlijn te vernietigen.

Verzoekers stellen in het bijzonder, dat de uitbreiding tot advocaten van de verplichting om de bevoegde autoriteiten te informeren wanneer zij feiten vaststellen waarvan zij weten of vermoeden dat ze verband houden met het witwassen van geld en de verplichting om deze autoriteiten alle bijkomende informatie te verstrekken die deze nuttig achten, ongerechtvaardigd inbreuk maakt op de beginselen van het beroepsgeheim en de onafhankelijkheid van de advocaat, welke beginselen deel uitmaken van het fundamentele recht van elke justitiabele op een eerlijk proces en op eerbiediging van zijn rechten van de verdediging.

In deze context heeft het Arbitragehof het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen de vraag gesteld, of de oplegging aan advocaten van de verplichting om de voor de bestrijding van het witwassen van geld verantwoordelijke autoriteiten te informeren en met hen samen te werken, in strijd is met het recht op een eerlijk proces.

Het Hof roept in herinnering dat de informatie en samenwerkingsplicht slechts voor advocaten geldt wanneer zij hun cliŽnt bijstaan bij het voorbereiden of uitvoeren van bepaalde transacties van voornamelijk financiŽle aard of op het gebied van onroerend goed of wanneer zij in naam en voor rekening van hun cliŽnt optreden in het kader van financiŽle of onroerendgoedtransacties.

In het algemeen houden deze activiteiten naar hun aard geen verband met een rechtsgeding en vallen zij dus buiten de werkingssfeer van het recht op een eerlijk proces.

Zodra de advocaat om bijstand wordt verzocht in verband met de verdediging of vertegenwoordiging in rechte of de verlening van advies over het instellen of vermijden van een rechtsgeding, is hij vrijgesteld van de informatie en samenwerkingsplicht, ongeacht of dergelijke informatie vůůr, gedurende of na het rechtsgeding is ontvangen of verkregen.

Deze vrijstelling tast het recht op een eerlijk proces van de cliŽnt niet aan.

Daarentegen verzetten de vereisten uit hoofde van het recht op een eerlijk proces zich er niet tegen dat, wanneer een advocaat optreedt binnen het welomschreven kader van voornoemde financiŽle of onroerendgoedtransacties die geen verband houden met een gerechtelijke procedure, hij wordt onderworpen aan de bij de richtlijn ingevoerde informatie en samenwerkingsplicht, voor zover dit gerechtvaardigd lijkt in het licht van de noodzaak van een doeltreffende bestrijding van het witwassen van geld, dat onmiskenbaar van invloed is op de groei van de georganiseerde misdaad, hetgeen een bijzondere bedreiging vormt voor de samenleving in de lidstaten.

Het Hof is derhalve van oordeel dat het opleggen aan advocaten van de verplichting om de voor de bestrijding van het witwassen van geld verantwoordelijke autoriteiten te informeren en met hen samen te werken wanneer zij deelnemen aan bepaalde financiŽle transacties die geen verband houden met een gerechtelijke procedure, niet in strijd is met het recht op een eerlijk proces.

 
< Vorige   Volgende >


 zondag, 21 januari 2018





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
Praktische ontwerpfouten ergenis in aanloop opening peperduur Paleis van Justitie Amsterdam

Nu maar hopen dat de koning overmorgen niet tegen die marmeren bank aanloopt

Het ontwerp van het nieuwe Paleis van Justitie aan het IJDock in Amsterdam is meer vorm dan functioneel. Stadszender AT5 bericht dat er zelfs een werkgroep in het leven is geroepen om het onlangs opgeleverde pand tegen het licht te houden.

De woordvoerder van het Paleis geeft op camera met schaamtevolle blik en verlegen lach toe dat een praktische aantal zaken over het hoofd is gezien.

LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ĎRechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederlandí.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 
U I T G E L I C H T
Ooit veroordeeld als tiener door kinderrechter en nu verwijdering DNA-databank? Dat kan

Internet kan een eeuwig brandmerk zijn bij een misstap, maar een DNA-profiel in een landelijke databank voelt misschien wel net zo bezwaarlijk. Jaarlijks staan bijna 3.000 minderjarigen na hun veroordeling voor een strafbaar feit DNA-gegevens af aan justitie.

In deze zaak gaat het om een bezwaarschrift ex artikel 7 van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. Uit het dossier blijkt dat de veroordeelde jongeman - 12 jaar tijdens het misdrijf - op straat een telefoon van iemand heeft gejat. Hij heeft verklaard dat hij dit had gedaan, omdat hij in de disco zijn telefoon verloren was en dit niet aan zijn moeder durfde te vertellen.

Hij is op 15-jarige leeftijd veroordeeld door de kinderrechter en nadien niet meer met justitie in aanraking gekomen. Het bewezen verklaarde delict moet worden aangemerkt als een eenmalig incident, bezien tegen de achtergrond van de levensfase waarin de veroordeelde verkeerde en met name de moeilijke periode die hij doormaakte vanwege het overlijden van onder meer zijn opa en de ziekte van zijn stiefvader.

Het recidiverisico wordt zeer klein geacht. Wel zijn er nog zorgen vanwege zijn lage IQ, waardoor de hij over weinig 'probleemoplossend vermogen beschikt om te kunnen denken hoe hij dingen anders moet aanpakken, maar er wordt aan gewerkt om hem daarin te trainen', staat in de uitspraak (i.c. beslissing).

OvJ moet celmateriaal laten vernietigen

LEES VERDER...
 
Arnoldus voorgedragen als lid Raad voor de rechtspraak
Peter Arnoldus is voorgedragen als lid Raad voor de rechtspraak, zo maakte het gelijknamige instituut vrijdag bekend. De Raad behartigt de belangen van de gerechten bij de politiek en het (lands)bestuur, vooral bij de minister van Veiligheid en Justitie. Arnoldus is op dit moment directeur financieel-economische zaken bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij zal zich voor de Raad onder meer bezighouden met financiŽn en huisvesting.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden