Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Beroep op black-out slaagt, vrijspraak verlaten plaats aanrijding, beroep op AVAS verworpen

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Beroep op black-out slaagt, vrijspraak verlaten plaats aanrijding, beroep op AVAS verworpen

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Opmerkelijk arrow Beroep op black-out slaagt, vrijspraak verlaten plaats aanrijding, beroep op AVAS verworpen
 
Beroep op black-out slaagt, vrijspraak verlaten plaats aanrijding, beroep op AVAS verworpen
dinsdag, 26 augustus 2008

Politierechter deduceert eenvoudig richting één conclusie: dán moet het wel een black-out zijn geweest...

Zelden slaagt een beroep op een black-out, maar er zijn kennelijk uitzonderingen die leiden tot enkel een gelboete en een kortdurende rijontzegging. Uit de beoordeling samengevat het volgende. Uit stukken in het dossier volgt dat verdachte op 24 juli 2006 als bestuurder van een motorrijtuig gereden op de Raaks te Haarlem. Daar heeft verdachte over het fietspad gereden en een fietser (slachtoffer), met haar auto van achteren aangereden. Vervolgens is verdachte doorgereden en op de hoek van de Raaks door een omstander tot stilstand gebracht, waarna de autosleutel uit het contact is gehaald.

Verdachte heeft zowel in het proces-verbaal van verhoor van 24 juli 2006 als ter terechtzitting verklaard dat zij zich niets van de aanrijding kan herinneren en mogelijk een black-out heeft gehad. Blijkens de getuigenverklaring van [getuige], afgelegd op 13 augustus 2006, reed verdachte met hoge toeren over het fietspad, week zij niet uit voor de fietser en verminderde zij geen snelheid toen zij de fietser naderde.

Nadat zij de fietser had aangereden, bleef verdachte met dezelfde snelheid en met hetzelfde hoge toerental doorrijden. Ook het slachtoffer heeft verklaard dat zij achter zich een voertuig hoorde dat met een hoog toerental reed.

In het proces-verbaal van bevindingen van 24 juli 2006 is gerelateerd dat de ter plaatste aanwezige ambulancemedewerker verdachte onderzocht heeft en verklaard heeft dat verdachte mogelijk een black-out heeft gehad. Blijkens de registratieset van de politie Kennemerland was het ten tijde van de aanrijding daglicht en droog en was tevens het wegdek droog.

Uit het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut van 3 augustus 2006 is gebleken dat verdachte ten tijde van het ongeval niet onder invloed van alcohol verkeerde. Omdat verdachte ten tijde van de aanrijding Camcoliet, een medicijn tegen stemmingswisselingen, gebruikte, is tevens een onderzoek ingesteld naar de aanwezigheid hiervan in het bloed en naar de eventuele beďnvloeding van de rijvaardigheid hiervan.

Verdachte had wel vaker last van black-outs

Uit het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut van 2 november 2006 blijkt dat zich in het bloed van verdachte weliswaar lithium bevond, maar dat een negatieve beďnvloeding hiervan op de rijvaardigheid niet kan worden geconcludeerd.

Gelet op de verklaring van de verdachte, het door [getuige] beschreven rijgedrag van verdachte, de bevindingen van de ambulancemedewerker en het feit dat uit de gedingstukken geen andere verklaring voor het ongeval naar voren komt, acht de politierechter het aannemelijk dat verdachte ten tijde van de aanrijding een black-out heeft gehad.

Naar het oordeel van de politierechter kan derhalve niet worden bewezenverklaard dat verdachte wist of moest vermoeden dat zij een aanrijding had veroorzaakt waarbij letsel was toegebracht. De politierechter acht, gelet op het hiervoor overwogene, niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder 1 primair en subsidiair tenlastegelegde feit. De politierechter zal verdachte hiervan vrijspreken.

Het beroep op AVAS. De politierechter gaat nu een andere kant op inzake de black-out. De black-out blijft voor risico van de automobiliste, bovendien had ze dat gegeven in elk geval kunnen c.q. moeten melden bij het  recente onderzoek naar haar rijvaardigheid:

 'Voor het slagen van een beroep op afwezigheid van alle schuld is vereist dat verdachte strafrechtelijk geen enkel verwijt kan worden gemaakt. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat zij voor de aanrijding vaker een black-out heeft gehad, niet weet waardoor die black-outs veroorzaakt zijn en geen medisch onderzoek heeft laten verrichten naar de oorzaak daarvan.

Dat verdachte is gaan autorijden, wetende dat zij last heeft van black-outs, terwijl zij niet weet waardoor die black-outs veroorzaakt worden, maakt dat verdachte strafrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

Dat zij niet eerder in het verkeer een black-out heeft gehad, wil, zoals ook is gebleken, niet zeggen dat verdachte er geen rekening mee behoefde te houden dat dit ook in het verkeer zou kunnen gebeuren. Dat verdachte twee weken voor de onderhavige aanrijding nog een onderzoek naar haar rijvaardigheid heeft ondergaan, doet hieraan niet af.

Niet blijkt dat verdachte er bij die gelegenheid melding van heeft gemaakt dat zij last had van black-outs, terwijl voorts de afwezigheid van een black-out tijdens dat onderzoek een black-out tijdens een latere autorit niet uitsluit. Van een situatie dat verdachte strafrechtelijk geen enkel verwijt kan worden gemaakt, is dan ook geen sprake, waardoor het beroep op afwezigheid van alle schuld niet kan slagen.'

Uiteindelijke straf: een geldboete van 300 euro en ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van drie maanden.

LJN: BE9169, Rechtbank Haarlem, 15/601610-06 dd. 25-08-2008
 
< Vorige   Volgende >


 woensdag, 18 juli 2018






O P M E R K E L IJ K
Conservatoir beslag op urn met as omdat kind medaillon met as wil dragen net als de andere kinderen

Alleen aanvoeren dat band met overledene goed was blijkt onvoldoende

Een dochter wil een klein deel van de as van haar overleden vader in een medaillon dragen. De weduwe weigert echter afgifte en zo belandt de familie bij de rechter. De dochter (A) heeft aan haar vorderingen ten grondslag gelegd dat B onzorgvuldig en aldus onrechtmatig jegens haar handelt door te weigeren een klein deel van de as van X aan haar af te staan, vooral omdat de andere (stief)kinderen van de overleden persoon wel een medaillon met as van X hebben gekregen. De dochter heeft op 9 januari 2013 - na verkregen verlof daartoe van de voorzieningenrechter van deze rechtbank bij beschikking van 3 januari 2013 - conservatoir beslag laten leggen op de urn met de as. Voor het aannemen van een zogeheten onrechtmatige daad zijn de nodige voorwaarden. De rechter beslist als volgt, na een korte inleiding op die criteria:

LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ‘Rechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederland’.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 
Hans Schenk voorzitter commissie herziening SER-Fusiegedragsregels
Hoogleraar Hans Schenk van Utrecht University School of Economics gaat als kroonlid van de Sociaal-Economische Raad (SER) de commissie over de herziening van de SER-Fusiegedragsregels voorzitten. Dit laat de Universiteit Utrecht weten. Deze gedragsregels zijn in 2001 in werking getreden en beschermen de belangen van werknemers bij voorgenomen fusies tussen ondernemingen. Sindsdien zijn er verschillende knelpunten gesignaleerd bij de toepassing en reikwijdte van de SER Fusiegedragsregels.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden