Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Veroordeling voor diefstal van virtuele goederen uit het online computerspel RuneScape

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Veroordeling voor diefstal van virtuele goederen uit het online computerspel RuneScape

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Hoofdpunten arrow Veroordeling voor diefstal van virtuele goederen uit het online computerspel RuneScape
 
Veroordeling voor diefstal van virtuele goederen uit het online computerspel RuneScape
woensdag, 22 oktober 2008

Bijzondere uitspraak van rechtbank Leeuwarden gisteren. De meervoudige strafkamer van die rechtbank heeft twee minderjarigen veroordeeld die zich samen schuldig hebben gemaakt aan diefstal van virtuele, niet-stoffelijke goederen uit het online computerspel "RuneScape". "RuneScape" is één van de grotere online spellen en vooral populair onder de jeugd. Miljoenen spelers, zogenaamde online gamers, over de hele wereld spelen het spel.

"RuneScape" speelt zich af in een virtuele wereld, waarin spelers met karakters kunnen deelnemen aan die virtuele wereld. Hierbij hebben zij het minderjarige slachtoffer mishandeld en bedreigd. Met die diefstal als doel? Wie naar de radio luisterde gisteren zou denken van wel. 'Afpersing!' riep de BNR nieuwspresentator, wat de persrechter weer nuanceerde (tenlastegelegd was diefstal met geweld). Wat verklaarde een van de verdachten: 
 
'Omdat [slachtoffer] niet meewerkte, heb ik hem de keel dichtgeknepen. Wij dwongen [slachtoffer] om in te loggen op die computer. [slachtoffer] wilde niet zijn wachtwoord geven en inloggen op de computer om het spel te spelen. Doordat wij hem bedreigden, heeft hij op een gegeven moment wel ingelogd en het spel opgehaald. Ik bedreigde [slachtoffer] dat hij wel mee moest werken. Als [slachtoffer] niet wilde meewerken dan zou ik hem nog meer klappen geven.'

Pure terreur dus en dat allemaal om speelgoed (een virtuele amulet en een virtueel masker) in een computerspelletje.

De rechtbank heeft de jonge dader in onderstaande zaak (geb. in 1992) een werkstraf en een voorwaardelijke jeugddetentie opgelegd. Volgens de rechtbank zijn deze virtuele goederen, goederen in de zin van artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht, zodat sprake is van diefstal en bespreekt de criteria als volgt:

 'Artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht heeft als doel het vermogen van de burger te beschermen. Bij de beantwoording van de vraag of virtuele goederen, goederen in de zin van dat artikel zijn, dient dit in het oog te worden gehouden. Er is een aantal criteria waaraan moet worden voldaan, wil er sprake zijn van een goed in de zin van genoemd artikel.

Allereerst is van belang of een goed voor de bezitter ervan waarde heeft. Deze waarde hoeft niet in geld uitgedrukt te kunnen worden. In de huidige maatschappij zijn de virtuele goederen uit het online computerspel "RuneScape" van grote betekenis geworden. Voor grote aantallen online gamers hebben deze goederen waarde. Hoe meer virtuele goederen een speler heeft, hoe sterker hij is in het spel.

Bovendien worden de virtuele goederen voor geld gekocht en verkocht, bijvoorbeeld via internet of op het schoolplein. Uit de onderhavige zaak blijkt ook dat het masker en de amulet voor zowel aangever als verdachte en medeverdachte waarde hadden.

Van belang is tevens dat een goed niet stoffelijk behoeft te zijn. In de jurisprudentie (zoals de arts die een elektriciteitsmeter had omzeild, Electriciteitsarrest red. NJD) is uitgemaakt dat ook niet-stoffelijke voorwerpen - zoals elektriciteit en giraal geld - als goed in strafrechtelijke zin worden aangemerkt.

De virtuele amulet en het virtueel masker als bedoeld in de onderhavige zaak zijn geen stoffelijke goederen, alhoewel ze wel waarneembaar zijn. Gelet op de bedoelde jurisprudentie is dat geen beletsel om ze als goed als bedoeld in artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht aan te merken.

Voorts blijkt uit de jurisprudentie dat een belangrijk kenmerk van een goed in strafrechtelijke zin is dat de wegnemer bij diefstal de feitelijke macht over het gestolen goed verkrijgt en de bestolene de feitelijke macht door het wegnemen daarover verliest.

Het bezit van het goed moet van de een naar de ander kunnen overgaan. Met strafrechtelijk bezit wordt bedoeld het hebben van feitelijke macht. In de jurisprudentie is uitgemaakt dat het voorgaande niet het geval is bij een pincode, computergegevens en belminuten van een telefoonabonnement.

De in de onderhavige zaak bedoelde virtuele goederen, te weten een virtuele amulet en een virtueel masker, waren in het bezit van aangever. Alleen hij had de feitelijke macht over die goederen. Het bezit van die virtuele goederen kan worden overgedragen, bijvoorbeeld door de goederen van het ene account naar het andere over te hevelen.

In de onderhavige zaak zijn de goederen ook overgegaan, namelijk uit de feitelijke macht van aangever naar die van verdachte en de medeverdachte. Verdachte en de medeverdachte hebben de goederen van het account van aangever overgebracht naar het account van verdachte. Hierdoor is aangever de feitelijke macht over de goederen kwijtgeraakt en hebben verdachte en de medeverdachte de feitelijke macht daarover verkregen.

Nu de virtuele amulet en het virtueel masker als bedoeld in de onderhavige zaak aan de hiervoor genoemde criteria voldoen, is de rechtbank van oordeel dat deze virtuele goederen onder het begrip 'goed' als bedoeld in artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht vallen en toebehoorden aan aangever.'

De dader heeft naar de mening van de rechtbank geen verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen. Van enige spijt of berouw blijkt ook niets uit het vonnis.
 

LJN: BG0939, Rechtbank Leeuwarden , 17/676123-07 VEV

 
< Vorige   Volgende >


 zondag, 23 september 2018






O P M E R K E L IJ K
Kantonrechter over administratiekosten boete tegen officier en CJIB: waar zijn jullie mee bezig !!?

Incassomiddel schiet doel ver voorbij

Een opmerkelijke boete-zaak. Iedereen die wel 'ns een verkeersboete heeft gehad, kent de incasso's van het CJIB. Maar er zijn incassomaatregelen die hun doel ruim voorbij schieten, vindt kantonrechter mr. W.E.M. Verjans. Vooral wanneer het gaat om € 6,00 (zes euro) te innen ten behoeve van de Staat der Nederlanden.

Rechtsbescherming

De wetgever was in een ver verleden van opvatting dat de Wet Mulder/WAHV voldoet aan de eisen die artikel 6 van het Europese Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens stelt aan rechtsbescherming. Verjans vraagt zich af of in het kader van de huidige handhaving van deze wet nog wel sprake is van “een waarborging van de deugdelijke rechtsbescherming van de betrokkene.”

LEES VERDER...
 
Wim Daniëls bij rechtbank Oost-Brabant: ‘Als je er maar een komma achter zet’

De Rechtspraak, Den Haag -  Zet taalexpert Wim Daniëls met zeventig juristen in een zaal en je hebt een boeiende cocktail. Dat bleek maandag 13 mei bij de eerste editie van BuitensteBinnen, een initiatief van rechtbank Oost-Brabant om regelmatig experts van buiten uit te nodigen.

Daniëls besprak humoristisch en deskundig het taalgebruik in een aantal vonnissen. Dat leverde herkenbare voorbeelden op. Een oplossing is volgens de taaldokter binnen handbereik: “Als u met z’n allen in dit pand afspraken maakt over taalgebruik, is het nú veranderd.”

LEES VERDER...
 
U I T G E L I C H T
Hoe zit het ook alweer met aftrekbaarheid kosten werkkamer, een voorbeeld uit de praktijk
Eiser is zelfstandige zonder personeel en woont in een huurhuis waarin hij een werkkamer heeft. In geschil is of eiser de kosten van de werkkamer in aftrek kan brengen. Tussen partijen spitst het geschil zich toe op de vraag of het huurrecht tot het bedrijfsvermogen behoort.
LEES VERDER...
 
Alex Brenninkmeijer wordt hoogleraar Institutionele aspecten van de rechtsstaat

“Als oud-rechter, voormalig Nationale ombudsman en tegenwoordig lid van de Europese Rekenkamer heb ik ervaring met drie instituties van de rechtsstaat, het lijkt mij geweldig om mijn ervaring in de Utrechtse academische context te delen en mee te werken aan het strategisch thema Instituties”, aldus Brenninkmeijer.

Vanaf juli dit jaar is voormalig nationaal ombudsman dr. Alex Brenninkmeijer (1951) hoogleraar ‘Institutionele aspecten van de rechtsstaat’ aan de Universiteit Utrecht, zo laat de UU weten.

LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden