Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Raad voor de rechtspraak: wetsvoorstel taakstraffen ernstige zeden- en geweldsmisdrijven niet nodig

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Raad voor de rechtspraak: wetsvoorstel taakstraffen ernstige zeden- en geweldsmisdrijven niet nodig

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Publicaties arrow Raad voor de rechtspraak: wetsvoorstel taakstraffen ernstige zeden- en geweldsmisdrijven niet nodig
 
Raad voor de rechtspraak: wetsvoorstel taakstraffen ernstige zeden- en geweldsmisdrijven niet nodig
vrijdag, 20 februari 2009

Rvdr Den Haag - De Raad voor de rechtspraak plaatst kanttekeningen bij het wetsvoorstel om de mogelijkheden voor het opleggen van een taakstraf voor ernstige zeden- en geweldsmisdrijven te beperken. De Raad vindt het wetsvoorstel overbodig, enigszins overhaast en over een staatsrechtelijke grens heen gaan.

Het is goed om een maatschappelijke discussie te voeren over nut en noodzaak van taakstraffen maar voor de voorgestelde inperking van de rechterlijke bevoegdheid zijn, volgens de Raad, onvoldoende goede gronden aangevoerd. Strafoplegging vraagt om maatwerk door de rechter.

Aanleiding voor het wetsvoorstel is de onrust die in 2007 ontstond over de toepassing van taakstraffen na de uitzending van het Zembla-programma ‘Moord, doodslag, taakstraf?’.

Het televisieprogramma stelde, dat rechters taakstraffen opleggen bij ernstige misdrijven, waarvoor die straf door de wetgever niet bedoeld is. De Raad voor de rechtspraak en het College van procureurs-generaal gaven naar aanleiding hiervan opdracht tot een onderzoek naar de praktijk van het opleggen van taakstraffen.

In het advies (gisteren gepubliceerd, red. NJD) wijst de Raad op de uitkomsten van onderzoek naar de praktijk van de vordering en oplegging van taakstraffen. Uit dat onderzoek blijkt dat rechters alleen in uitzonderingsgevallen volstaan met het opleggen van een ‘kale taakstraf’ in ernstige zaken.

Volgens de onderzoekers hebben de rechters daar in de regel goede redenen voor. De Raad ziet daarom in de strafrechtspraktijk geen urgente aanleiding om de mogelijkheden voor de strafrechter in te perken. Ook een regeling om het stapelen van taakstraffen te voorkomen, zoals de Minister die voorstelt, is volgens de Raad niet nodig.

Per 1 januari 2009 is de aanwijzing taakstraffen van het Openbaar Ministerie aangescherpt. De aanwijzing heeft als hoofdregel dat het Openbaar Ministerie bij ernstige zeden- en geweldszaken geen taakstraf vordert. De Raad adviseert de Minister van Justitie dan ook om eerst af te wachten welk effect de aangescherpte aanwijzing heeft. Nu reeds wettelijke voorzieningen treffen, doet enigszins overhaast aan.

De Raad vreest tenslotte, dat het wetsvoorstel dat er nu ligt, schadelijk kan uitwerken voor de kwaliteit van de strafrechtspraak. Door de straftoemetingsmogelijkheden van de rechter in te perken, kan de rechter minder goed maatwerk leveren en bestaat de kans dat er in bepaalde individuele zaken rechterlijke uitspraken komen die geen recht doen aan de ernst van de feiten, de gebleken omstandigheden van het geval en de persoon van de dader.

Daarbij heeft de Raad er grote staatsrechtelijke bedenkingen bij, dat de Minister van Justitie via een Algemene Maatregel van Bestuur bepaalde categorieën delicten wil uitsluiten van een taakstraf.

De Raad vindt dat niet de juiste weg, omdat ook de wetgever in dit geval de greep verliest op de discussie voor welke delicten wel of niet een taakstraf kan worden opgelegd. In ons staatsbestel, met de bijbehorende machtenscheiding, is het aan de wetgever voorbehouden om in algemene zin op strafbare feiten een strafmaximum te stellen en eventueel een strafmodaliteit te bepalen. Daarna kan de rechter de wet toepassen, rekening houdend met de omstandigheden van het geval.

Link naar het advies. 

 
< Vorige   Volgende >


 woensdag, 15 augustus 2018






O P M E R K E L IJ K
Afwijzing aanvraag om wel heel bijzondere bijstand: kroegbezoek chronisch psychiatrisch patiënt

Afwijzing aanvraag om bijzondere bijstand. Appellante (de aanvrager) lijdt meer dan twintig jaar aan een schizoaffectieve stoornis. Zij heeft vele psychiatrische behandelingen ondergaan en jarenlang een dagactiviteitencentrum bezocht. Op 11 mei 2004 heeft appellante een aanvraag gedaan om bijzondere bijstand voor consumptiekosten in haar stamcafé Marktzicht te Utrecht (café). 

De vrouw heeft toegelicht dat zij een chronisch psychiatrisch patiënt is en dat zij niet alleen thuis kan zijn. Zij brengt haar dagen door in het café om onder de mensen te zijn.

Bij besluit van 15 juni 2004 heeft de gemeente deze aanvraag afgewezen. Bij uitspraak van 16 augustus 2005 heeft de rechtbank het beroep tegen het (latere) besluit ongegrond verklaard. Jaren later (2010) heeft de vrouw het nog een keer geprobeerd, maar de gemeente wees het weer af. Uiteindelijk belandde de zaak bij de hoogste bestuursrechter, de Centrale Raad van Beroep.

Waarom naar de kroeg?

De vrouw vindt dat zij de kosten tot een bedrag van € 300,- per maand niet meer uit haar vermogen kan bestrijden en wijst op een verklaring van haar psychiater. Daarin staat dat de vrouw niet in aanmerking komt voor reguliere dagopvang, omdat zij niet meer bestand is tegen de confrontatie met chronisch psychiatrische patiënten.

In de loop van de jaren heeft zij veel vrienden die zij via de psychiatrie heeft leren kennen, verloren onder andere door zelfdoding. Het café is een laagdrempelige manier om een sociaal netwerk op te bouwen buiten de psychiatrie. Appellante gebruikt sporadisch alcohol.

Uitspraak Centrale Raad

LEES VERDER...
 
Hof: wrakingsverzoek gegrond, raadsheer eerst gedelegeerd rc, later in rol voorzitter strafkamer
Verzoeker is ontvankelijk in zijn (tweede) wrakingsverzoek, nu sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gegrond. Het wrakingsverzoek komt er in de kern op neer dat de raadsheer niet heeft ingegrepen nadat zij ervan op de hoogte was gesteld dat (reeds) één van de getuigen in strijd met de beslissing van het hof en buiten aanwezigheid van de verdediging was gehoord door de politie en dat enige dagen nadien een andere getuige door de politie zou worden gehoord.
LEES VERDER...
 
U I T G E L I C H T
Hoe zit het ook alweer met aftrekbaarheid kosten werkkamer, een voorbeeld uit de praktijk
Eiser is zelfstandige zonder personeel en woont in een huurhuis waarin hij een werkkamer heeft. In geschil is of eiser de kosten van de werkkamer in aftrek kan brengen. Tussen partijen spitst het geschil zich toe op de vraag of het huurrecht tot het bedrijfsvermogen behoort.
LEES VERDER...
 
Alex Brenninkmeijer wordt hoogleraar Institutionele aspecten van de rechtsstaat

“Als oud-rechter, voormalig Nationale ombudsman en tegenwoordig lid van de Europese Rekenkamer heb ik ervaring met drie instituties van de rechtsstaat, het lijkt mij geweldig om mijn ervaring in de Utrechtse academische context te delen en mee te werken aan het strategisch thema Instituties”, aldus Brenninkmeijer.

Vanaf juli dit jaar is voormalig nationaal ombudsman dr. Alex Brenninkmeijer (1951) hoogleraar ‘Institutionele aspecten van de rechtsstaat’ aan de Universiteit Utrecht, zo laat de UU weten.

LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden