Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Brief Jan Peter Balkenende over kabinetsreactie rapport Irak

Nederlands Juridisch Dagblad NJD § Juridisch nieuws - Brief Jan Peter Balkenende over kabinetsreactie rapport Irak

 

Nederlands Juridisch Dagblad www.juridischdagblad.nl en via NJD.nu © MMII-MMXIII § Juridisch nieuws vanuit rechtspraktijk & rechtswetenschap
Juridisch nieuws voor juridisch Nederland 
§ Gebruiksvoorwaarden 
§ Mail uw nieuws- of persbericht naar de redactie (klik hier)

Onderhoud NJD 
twitter.com/juridischdag 
wel actueel
Inhoudsopgave
Voorpagina
Weer & verkeer
Hoofdpunten
Opmerkelijk
Persoonlijk
Zoeken
Opinie
Rechters
Advocatuur
Notariaat
Agenda
Uitgelicht
Wetten
Media
Jeugd
Studenten
Eerste Kamer
Onderhoud
Redactioneel
Ombudsman
Publicaties
Gebruikslicentie
NJD § RSS
Twiiter NJD
Prijsvraag
Grondwet
Hoge Raad
AFM
OPTA
Colofon
CONTACT


 
  Oriëntatie:  Voorpagina arrow Agenda arrow Brief Jan Peter Balkenende over kabinetsreactie rapport Irak
 
Brief Jan Peter Balkenende over kabinetsreactie rapport Irak
donderdag, 14 januari 2010

Minister-president Jan Peter Balkenende heeft woensdagavond 13 januari 2010 een brief gestuurd aan de Tweede Kamer over de kabinetsreactie op het rapport van de Onderzoekscommissie Irak. Volgende maand zal het kabinet een uitgebreide reactie geven op de conclusies van de commissie-Davids, vooral over het volkenrechtelijke mandaat.

De volledige tekst van de brief aan de Tweede Kamer luidt als volgt:

 Onder verwijzing naar de regeling van werkzaamheden van uw Kamer van heden hecht ik eraan om te bevestigen dat ik gisteren na afstemming met de vice-ministerpresidenten en de meest betrokken bewindspersonen, namens het kabinet een eerste verklaring heb afgelegd.

Ik heb in deze verklaring gezegd dat door de commissie Davids een gedegen studie is verricht naar de gebeurtenissen in 2002 en 2003. Daarbij is intensief gebruik gemaakt van al het voorhanden bronnenmateriaal.

Uit de verantwoording van de commissie blijkt nog eens dat de commissie haar werkzaamheden in volledige onafhankelijkheid heeft kunnen uitvoeren. Zij heeft toegang gehad tot alle informatie die zij nodig achtte, inclusief de notulen van de ministerraad en informatie van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Nooit eerder heeft een onderzoekscommissie zo uitgebeid kunnen putten uit onze informatiebronnen.

Het is zaak om het rapport van de commissie Davids de komende tijd grondig te bestuderen ten behoeve van een nadere kabinetsreactie. Daar zal enige tijd mee gemoeid zijn. In de kabinetsreactie zal vanzelfsprekend worden ingegaan op de conclusies van de commissie.

Daarnaast zullen aan de kabinetsreactie worden gevoegd de antwoorden op de door de Tweede en Eerste Kamer gestelde vragen voor zover die niet in het rapport van de commissie worden geadresseerd.

Onder verwijzing naar het verzoek van uw vaste commissie voor Buitenlandse Zaken van 1 december 2009 (kenmerk 2009Z21041/2009D60798) deel ik u mede dat het kabinet het voornemen heeft begin februari 2010 een reactie op het rapport van de commissie Davids aan de Staten-Generaal te verzenden.

Het kabinet zal het rapport van de commissie Davids leidend laten zijn bij een kritische terugblik op het verleden en het trekken van lessen voor de toekomst.

Een onderwerp dat zeker in de reactie terug zal komen is het volkenrechtelijke mandaat. Destijds was de Nederlandse regering evenals die van verscheidene andere staten van oordeel dat de betreffende VR-resoluties een toereikende grondslag vormde voor het  - door Nederland politiek ondersteunde - militaire optreden van de door de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk geleide coalitie. Gebleken is dat dit standpunt in de internationale gemeenschap onvoldoende steun heeft gevonden en ook door andere landen niet langer wordt aanvaard.

Het toenmalig kabinet was er echter van overtuigd dat er toen een zuivere en integere afweging is gemaakt. Hierover is uitvoerig met uw Kamer van gedachten gewisseld. Een ruime Kamermeerderheid heeft het kabinet toen daarin gesteund.

In het coalitieakkoord dat ten grondslag ligt aan het huidige kabinet is reeds bepaald dat een adequaat volkenrechtelijk mandaat is vereist bij deelname van een missie met Nederlandse militairen. Deze bepaling is mede opgenomen tegen de achtergrond van de discussie die bestond over de rechtgrondslag van de inval in Irak (zie ook de brief van de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie van 22 juni 2007). In het licht van deze ontwikkelingen en met de kennis van nu aanvaardt het kabinet dat voor een dergelijk optreden een adequater volkenrechtelijk mandaat nodig zou zijn geweest.

DE MINISTER-PRESIDENT,

Minister van Algemene Zaken,

 
< Vorige   Volgende >


 zondag, 22 april 2018





DE UITSPRAKEN

DE ZAAK HOLLEEDER, links naar de uitspraken:

BC0703 Willem Holleeder, afpersing en leider criminele organisatie
BC0697 Maruf M. medeverdachte Holleeder. Endstra is onder valse voorwendselen naar het kantoor van zijn toenmalig raadsman gelokt waar hij in de kamer van die raadsman - Bram Moszkowicz - is bedreigd door onder andere deze verdachte. Endstra is hierdoor bewogen grote sommen geld af te staan.
BC0708 Marcel K.
BC0710 Vriendin Holleeder: Maaike Dijkhuis (schuldwitwassen)

Lees ook over Holleeder (link) in het NJD



O P M E R K E L IJ K
Afwijzing aanvraag om wel heel bijzondere bijstand: kroegbezoek chronisch psychiatrisch patiënt

Afwijzing aanvraag om bijzondere bijstand. Appellante (de aanvrager) lijdt meer dan twintig jaar aan een schizoaffectieve stoornis. Zij heeft vele psychiatrische behandelingen ondergaan en jarenlang een dagactiviteitencentrum bezocht. Op 11 mei 2004 heeft appellante een aanvraag gedaan om bijzondere bijstand voor consumptiekosten in haar stamcafé Marktzicht te Utrecht (café). 

De vrouw heeft toegelicht dat zij een chronisch psychiatrisch patiënt is en dat zij niet alleen thuis kan zijn. Zij brengt haar dagen door in het café om onder de mensen te zijn.

Bij besluit van 15 juni 2004 heeft de gemeente deze aanvraag afgewezen. Bij uitspraak van 16 augustus 2005 heeft de rechtbank het beroep tegen het (latere) besluit ongegrond verklaard. Jaren later (2010) heeft de vrouw het nog een keer geprobeerd, maar de gemeente wees het weer af. Uiteindelijk belandde de zaak bij de hoogste bestuursrechter, de Centrale Raad van Beroep.

Waarom naar de kroeg?

De vrouw vindt dat zij de kosten tot een bedrag van € 300,- per maand niet meer uit haar vermogen kan bestrijden en wijst op een verklaring van haar psychiater. Daarin staat dat de vrouw niet in aanmerking komt voor reguliere dagopvang, omdat zij niet meer bestand is tegen de confrontatie met chronisch psychiatrische patiënten.

In de loop van de jaren heeft zij veel vrienden die zij via de psychiatrie heeft leren kennen, verloren onder andere door zelfdoding. Het café is een laagdrempelige manier om een sociaal netwerk op te bouwen buiten de psychiatrie. Appellante gebruikt sporadisch alcohol.

Uitspraak Centrale Raad

LEES VERDER...
 
'Rechterlijke samenwerking is goed, maar slecht ingebed'

De Rechtspraak, Den Haag -  Onderlinge afspraken tussen rechters over strafhoogtes en rekenmethoden bevorderen de eenheid in het recht, maar zijn nog te weinig wettelijk verankerd. Een deel van deze rechterlijke regelingen kan beter zichtbaar gemaakt worden.

Dat stelt onderzoeker Ard Schoep in zijn bijdrage aan de zojuist verschenen bundel ‘Rechterlijke Macht, studies voor rechtspraak en rechtshandelingen in Nederland’.

Afspraken
Een deel van de beslissingen in de rechtszaal vloeit voort uit afspraken en regelingen die gemaakt zijn door rechters zelf. Die afspraken worden vaak landelijk nagevolgd en hebben daarmee veel invloed. Een bekend voorbeeld is de formule waarmee kantonrechters sinds vijftien jaar de hoogte berekenen van ontslagvergoedingen: grofweg het aantal dienstjaren maal het maandsalaris.

LEES VERDER...
 
U I T G E L I C H T
Vanmiddag debat over mensenrechten en internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen
Vanmiddag te zien en horen: hoe staat het met de naleving van mensenrechten door het Nederlands bedrijfsleven? En hoe bevordert de overheid het respecteren ervan? Daarover vergadert de Tweede Kamer vandaag van 14.00 tot 16.30 uur.
LEES VERDER...
 
Hans Schenk voorzitter commissie herziening SER-Fusiegedragsregels
Hoogleraar Hans Schenk van Utrecht University School of Economics gaat als kroonlid van de Sociaal-Economische Raad (SER) de commissie over de herziening van de SER-Fusiegedragsregels voorzitten. Dit laat de Universiteit Utrecht weten. Deze gedragsregels zijn in 2001 in werking getreden en beschermen de belangen van werknemers bij voorgenomen fusies tussen ondernemingen. Sindsdien zijn er verschillende knelpunten gesignaleerd bij de toepassing en reikwijdte van de SER Fusiegedragsregels.
LEES VERDER...
 


 
 
       

Nederlands Juridisch Dagblad © 2002-2013 Ook te lezen via NJD.nu
Gebruiksvoorwaarden NJD (klik hier)
Alle rechten voorbehouden